Ga naar hoofdinhoud

Artikel 1 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis: Dat er een enig God is

In het kort

Artikel 1 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis belijdt dat er één enige God is. Hij is één eenvoudig en geestelijk Wezen, eeuwig en onveranderlijk, volkomen wijs, rechtvaardig en goed. Het artikel eindigt bij God als de bron van al het goede, zodat de gelovige weet met Wie hij te doen heeft.

De tekst van NGB 1

Wij geloven allen met het hart en belijden met den mond, dat er is een enig en eenvoudig geestelijk Wezen, hetwelk wij God noemen: eeuwig, onbegrijpelijk, onzienlijk, onveranderlijk, oneindig, almachtig; volkomen wijs, rechtvaardig, goed, en een zeer overvloedige fontein aller goeden.

Tekst: Nederlandse Geloofsbelijdenis, zoals overzien door de Nationale Synode van Dordrecht (1618-1619), in de gangbare kerkboekspelling. Publiek domein. Deze tekst is ontleend aan www.nederlandse-geloofsbelijdenis.nl.

De Nederlandse Geloofsbelijdenis begint niet bij de mens, maar bij God. Artikel 1 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt in één lange zin wie de enige God is. Het noemt eerst Zijn wezen en daarna een rij eigenschappen. Het sluit af met de troost dat al het goede uit Hem voortkomt. Wie dit artikel leert, leert dus niet alleen over God nadenken, maar ook op Hem vertrouwen.

Geloven met het hart en de mond

Het artikel opent met de woorden 'Wij geloven allen met het hart en belijden met den mond'. Daarmee spreekt de hele gemeente, niet één geleerde. Geloven met het hart betekent: God kennen en op Hem vertrouwen. Belijden met de mond betekent: dat geloof openlijk uitspreken, ook als het iets kost. Paulus legt die twee al naast elkaar: "met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid en met den mond belijdt men ter zaligheid". Wie belijdenis doet, sluit zich bij dat getuigenis van de kerk aan.

Eén, eenvoudig en geestelijk

Het eerste wat het artikel belijdt, is dat er 'een enig en eenvoudig geestelijk Wezen' is. Enig wil zeggen: er is maar één God, en naast Hem is er geen ander. Mozes riep Israël toe: "de HEERE, onze God, is een enig HEERE". Door Jesaja zegt de HEERE: "behalve Mij is er geen God". Daarmee vallen alle afgoden weg, ook wat mensen nu tot afgod maken, zoals geld of eer.

Paulus schrijft: "hebben wij maar een God, den Vader". In dezelfde zin noemt hij ook "een Heere, Jezus Christus". De enigheid van God sluit de Drie-eenheid dus niet uit. De artikelen 8 en 9 werken dat later uit. Zondag 8 van de Heidelbergse Catechismus zegt het ook: de ene God heeft Zich geopenbaard als Vader, Zoon en Heilige Geest.

Eenvoudig is een oud woord met een bijzondere betekenis. Het wil niet zeggen dat God gewoon of simpel is. Het betekent dat God niet uit delen is samengesteld. Zijn wijsheid, goedheid en macht zijn geen onderdelen die samen God vormen. God is in alles helemaal en altijd Wie Hij is. Daarom kan Hij ook niet uiteenvallen of veranderen.

Geestelijk betekent dat God geen lichaam heeft. De Heere Jezus zei: "God is een Geest, en die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid". God is daarom niet aan één plaats gebonden en laat Zich niet in een beeld vangen. Het artikel zegt er direct bij dat het dit Wezen is 'hetwelk wij God noemen'.

Eigenschappen die God boven ons stellen

Daarna noemt het artikel zes eigenschappen: 'eeuwig, onbegrijpelijk, onzienlijk, onveranderlijk, oneindig, almachtig'. Eeuwig betekent dat God geen begin en geen einde heeft. Mozes zegt in Psalm 90: "van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God". Onbegrijpelijk wil niet zeggen dat God onredelijk is. Het betekent dat geen mens Hem helemaal kan omvatten of doorgronden.

Onzienlijk is het oude woord voor onzichtbaar. Paulus prijst "den Koning nu der eeuwen, den onverderfelijken, den onzienlijken, den alleen wijzen God". Onveranderlijk betekent dat God Zichzelf, Zijn woord en Zijn beloften niet verandert. De HEERE zegt door Maleachi: "Ik, de HEERE, word niet veranderd". Oneindig wil zeggen dat God nergens een grens heeft. Almachtig betekent dat Hij alles kan wat Hij wil.

Volkomen wijs, rechtvaardig en goed

Het artikel gaat verder met 'volkomen wijs, rechtvaardig, goed'. Volkomen betekent: zonder enig gebrek. Gods wijsheid ziet alles en vergist zich nooit. Zijn rechtvaardigheid doet altijd wat recht is. Zijn goedheid is Zijn bereidheid om goed te doen aan Zijn schepselen. De psalmist zegt: "De HEERE is aan allen goed, en Zijn barmhartigheden zijn over al Zijn werken".

Die drie horen bij elkaar. Gods goedheid is nooit onrechtvaardig, en Zijn recht is nooit zonder wijsheid. Dat is belangrijk wanneer u Gods wegen niet begrijpt. Ook Paulus stond verwonderd stil bij de "diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods". Wat wij niet kunnen doorgronden, is bij God toch wijs en goed.

Een overvloedige fontein van al het goede

Het laatste zinsdeel noemt God 'een zeer overvloedige fontein aller goeden'. Een fontein is hier een bron die steeds water geeft. Aller goeden betekent: van al het goede. Alles wat goed is, komt dus uit God voort. Jakobus schrijft: "Alle goede gave, en alle volmaakte gifte is van boven". David zegt tot God: "bij U is de fontein des levens".

Hier ligt de troost van het artikel. De gelovige heeft niet te doen met een verre, koele macht. Hij heeft te doen met de enige ware God, Die eeuwig en onveranderlijk is en overvloedig goed geeft. Mensen en dingen kunnen u teleurstellen, maar deze Bron droogt niet op. Wie tot Hem gaat, gaat naar de Bron zelf.

Bijbelse onderbouwing

  • Deuteronomium 6:4

    “Hoor, Israel! de HEERE, onze God, is een enig HEERE!”

    Mozes leert Israël dat de HEERE de enige God is, en dat is de grond onder het eerste zinsdeel van het artikel.

    Uitleg bij Deuteronomium 6

  • Jesaja 44:6

    “Zo zegt de HEERE, de Koning van Israel, en zijn Verlosser, de HEERE der heirscharen: Ik ben de Eerste, en Ik ben de Laatste, en behalve Mij is er geen God.”

    De HEERE noemt Zichzelf de Eerste en de Laatste en zegt dat er naast Hem geen God is.

  • 1 Korinthe 8:6

    “Nochtans hebben wij maar een God, den Vader, uit Welken alle dingen zijn, en wij tot Hem; en maar een Heere, Jezus Christus, door Welken alle dingen zijn, en wij door Hem.”

    Paulus belijdt tegenover de afgoden van Korinthe één God, de Vader, en één Heere, Jezus Christus.

  • Johannes 4:24

    “God is een Geest, en die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.”

    De Heere Jezus leert dat God een Geest is, zodat Hij niet aan een plaats of een beeld gebonden is.

  • Maleachi 3:6

    “Want Ik, de HEERE, word niet veranderd; daarom zijt gij, o kinderen Jakobs! niet verteerd.”

    Omdat God niet verandert, wordt Zijn volk niet verteerd, en zo laat deze tekst de troost van Zijn onveranderlijkheid zien.

Bijbelteksten uit de Statenvertaling.

Historische achtergrond

Guido de Bres volgde voor de opbouw van zijn belijdenis de Franse geloofsbelijdenis van 1559. Ook die begint met de ene God, met een vergelijkbare rij eigenschappen. Door met God te beginnen sloten de gereformeerden in de Nederlanden aan bij het geloof van de oude kerk. Dat geloof klinkt ook in de Apostolische Geloofsbelijdenis en de Geloofsbelijdenis van Nicea.

Het woord 'eenvoudig' komt uit de leer van de kerkvaders en de middeleeuwse theologie, die al zeiden dat God niet uit delen bestaat. Ook de Franse belijdenis noemt God één eenvoudig en geestelijk wezen. Met dat ene woord vat het artikel dus samen wat de kerk al eeuwen over God leerde.

Om over door te praten

  1. Wat is het verschil tussen geloven met het hart en belijden met de mond, en waarom noemt het artikel ze allebei?
  2. Hoe zou u in eigen woorden uitleggen wat het betekent dat God eenvoudig is?
  3. Welke van de eigenschappen van God uit dit artikel troost u het meest, en waarom juist die?
  4. Wat neemt in uw eigen leven soms de plaats in die alleen aan de enige God toekomt?
  5. Hoe kan het u in moeilijke tijden helpen dat God een overvloedige bron van al het goede is?

Heidelbergse Catechismus