Dordtse Leerregels hoofdstuk 1, artikel 4: geloof en ongeloof
In het kort
Artikel 4 van hoofdstuk 1 van de Dordtse Leerregels noemt de twee uitkomsten van de prediking: geloof en ongeloof. Op wie het Evangelie niet gelooft, blijft de toorn van God. Wie de Zaligmaker met een waar geloof aanneemt, wordt van die toorn verlost en ontvangt het eeuwige leven.
De tekst van DL I,4
Die dit Evangelie niet geloven, op die blijft de toorn Gods. Maar die het aannemen, en den Zaligmaker Jezus met een waarachtig en levend geloof omhelzen, die worden door Hem van den toorn Gods en van het verderf verlost, en met het eeuwige leven begiftigd.
Tekst: Dordtse Leerregels, vastgesteld door de Nationale Synode van Dordrecht (1618-1619), in de gangbare kerkboekspelling. Publiek domein. Deze tekst is ontleend aan www.dordtse-leerregels.nl.
Artikel 3 sprak over de verkondigers die God zendt. Artikel 4 van hoofdstuk 1 van de Dordtse Leerregels zegt wat er gebeurt wanneer het Evangelie klinkt. Dan zijn er twee uitkomsten, geloof en ongeloof, en een derde weg is er niet. Het artikel noemt eerst wie niet gelooft en daarna wie wel gelooft. Zo laat het zien hoeveel er op het spel staat wanneer u de prediking hoort.
Op wie de toorn blijft
Het artikel opent ernstig: 'Die dit Evangelie niet geloven, op die blijft de toorn Gods'. Let op het woord blijft. De toorn van God komt niet pas over iemand omdat hij het Evangelie afwijst. Volgens artikel 1 zijn alle mensen in Adam al schuldig voor God. Wie Christus niet gelooft, blijft dus waar hij al was. Wel maakt het afwijzen van het Evangelie zijn schuld groter, want ook ongeloof is zonde. Johannes 3:36 zegt het met bijna dezelfde woorden: "de toorn Gods blijft op hem".
Toorn betekent hier geen opwelling van drift, zoals bij mensen. Het is Gods heilige afkeer van de zonde en Zijn rechtvaardig oordeel daarover. Van wie niet gelooft, zegt de Heere Jezus dat hij "is alrede veroordeeld". Alrede betekent: nu al. Het oordeel ligt dus niet alleen in de toekomst. Het rust nu al op ieder die buiten Christus leeft.
De Zaligmaker omhelzen
Dan volgt het woord maar, en daarmee klinkt het Evangelie. Het artikel spreekt over hen 'die het aannemen'. Aannemen betekent: ontvangen wat aangeboden wordt, en het niet afwijzen. Johannes schrijft over Christus: "zovelen Hem aangenomen hebben, dien heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden".
Het artikel zegt ook hoe dat aannemen gebeurt. Zij 'den Zaligmaker Jezus met een waarachtig en levend geloof omhelzen'. Zaligmaker betekent Redder, Hij Die zalig maakt. Omhelzen is een warm woord. Het gaat niet om koele instemming met een leer, maar om het vastgrijpen van een Persoon. Het geloof is waarachtig, dus echt en niet gespeeld. Het is levend, dus het blijft niet zonder vrucht. De Heidelbergse Catechismus noemt het waar geloof in zondag 7 zowel kennis als een vast vertrouwen.
Verlost en begiftigd
Wat ontvangen zij die geloven? Het artikel noemt twee dingen. Zij worden door Christus 'van den toorn Gods en van het verderf verlost'. Verderf betekent: het eeuwige verloren gaan. En zij worden 'met het eeuwige leven begiftigd'. Begiftigd betekent: beschonken, zoals met een geschenk. Het eeuwige leven is dus geen loon voor het geloof. Het is een gave van Christus. Het geloof is de hand die deze gave aanneemt.
Bij Zijn zendingsopdracht houdt de Heere Jezus beide uitkomsten naast elkaar. Hij zegt: "Die geloofd zal hebben, en gedoopt zal zijn, zal zalig worden". Direct daarna zegt Hij dat wie niet gelooft, verdoemd zal worden. Het artikel spreekt hier niet over de doop, maar wel over dezelfde scheiding tussen geloof en ongeloof.
Ernstig en uitnodigend
Dit artikel is ernstig. Het zegt niet dat ongeloof een kleine zaak is, of dat God het uiteindelijk door de vingers zal zien. Wie het Evangelie hoort en afwijst, blijft onder Gods toorn. Toch wil het artikel niet alleen afschrikken. Het wijst juist naar de enige weg tot behoud. De toorn blijft op wie niet gelooft, maar wie tot Christus komt, wordt verlost.
Daarom is dit artikel ook een uitnodiging. Het vraagt niet eerst of u uitverkoren bent; daarover spreekt het hoofdstuk pas vanaf artikel 6. Het zegt dat ieder die de Zaligmaker aanneemt, behouden wordt. In artikel 5 volgt dat het geloof zelf een gave van God is. Wie naar Christus verlangt, mag dat geloof daarom aan God vragen. Christus stoot niemand uit die tot Hem komt.
Bijbelse onderbouwing
“Die in den Zoon gelooft, die heeft het eeuwige leven; maar die den Zoon ongehoorzaam is, die zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hem.”
De eerste zin van het artikel volgt dit vers bijna woordelijk: op wie de Zoon niet gelooft, blijft de toorn van God.
“Die geloofd zal hebben, en gedoopt zal zijn, zal zalig worden; maar die niet zal geloofd hebben, zal verdoemd worden.”
Bij Zijn zendingsopdracht zegt de Heere Jezus dat wie gelooft zalig wordt en wie niet gelooft verdoemd wordt.
“Die in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar die niet gelooft, is alrede veroordeeld, dewijl hij niet heeft geloofd in den Naam des eniggeboren Zoons van God.”
Wie niet gelooft, is nu al veroordeeld, omdat hij niet geloofd heeft in de Naam van Gods eniggeboren Zoon.
“Maar zovelen Hem aangenomen hebben, dien heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven;”
Wie Christus aanneemt, krijgt het recht om een kind van God te worden, zoals het artikel spreekt over hen die het Evangelie aannemen.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Historische achtergrond
Ook de Remonstrantie van 1610 leerde in haar eerste artikel dat God de gelovigen in Christus behoudt. De ongelovigen laat Hij onder Zijn toorn. Op dit punt waren beide partijen het eens.
Het verschil lag in de vraag waar het geloof vandaan komt; daarover gaan de artikelen 5 en 9. De synode legt in artikel 4 eerst vast wat beide zijden erkenden. Daarna laat zij zien dat de schuld van het ongeloof bij de mens ligt. Het geloof zelf is een gave van God.
Om over door te praten
- Waarom gebruikt artikel 4 het woord blijft wanneer het spreekt over de toorn van God over wie niet gelooft?
- Wat is het verschil tussen het Evangelie alleen voor waar houden en de Zaligmaker met een levend geloof omhelzen?
- Hoe kan een artikel dat zo ernstig over Gods toorn spreekt, tegelijk een uitnodiging zijn om tot Christus te komen?
- Wat betekent het voor u dat het eeuwige leven een gave van Christus is en geen loon voor uw geloof?