Taal en zinsbouw
Zekerlijk
bijwoord
In het kort
Zekerlijk betekent zeker of ongetwijfeld: het onderstreept dat iets vaststaat. Gewisselijk, voorzeker en voorwaar doen in de Statenvertaling hetzelfde. Het bekendst is voorwaar, uit de woorden van de Heere Jezus: 'Voorwaar, voorwaar zeg Ik u'.
In hedendaags Nederlands: zeker, stellig, ongetwijfeld, werkelijk, echt waar
Wat betekent zekerlijk?
Het Woordenboek der Nederlandsche Taal noemt voor zekerlijk een paar oude betekenissen, zoals veilig en betrouwbaar, maar vooral deze: zo dat men niet twijfelt aan de waarheid van wat gezegd wordt. Het staat dan als woord van nadruk, en soms los vóór een zin. Het WNT haalt daarvoor Psalm 85:10 uit de Statenbijbel aan: 'Zekerlijk, Zijn heil is nabij'. Gewisselijk, van gewis, betekent volgens het WNT op een zekere wijze, beslist, stellig. Voorzeker is gevormd uit voor en zeker, en betekent zeer stellig, ongetwijfeld. Voorwaar is volgens het WNT ontstaan uit voor waar: als iets dat waar is. Het verzekert met nadruk dat wat volgt waar is, en klinkt plechtig. Het WNT noemt apart het bijbelse voorwaar, ik zeg u, en de verdubbeling voorwaar, voorwaar, die het vergelijkt met het Latijnse amen, amen.
Zekerlijk in de Statenvertaling
368 keer, in 333 verzen en 34 bijbelboeken (zekerlijk 132, gewisselijk 57, voorwaar 127, voorzeker 52).
De vier woorden staan samen 368 keer in de Statenvertaling, in 333 verzen verdeeld over 34 bijbelboeken. Zekerlijk staat er 132 keer, voorwaar 127 keer, gewisselijk 57 keer en voorzeker 52 keer. Het zijn geen woorden die iets nieuws vertellen. Ze geven aan hoe vast het staat. Jakob ontwaakt na zijn droom bij Bethel en zegt: 'Gewisselijk is de HEERE aan deze plaats, en ik heb het niet geweten!' (Genesis 28:16).
In de Psalmen staat zekerlijk vaak vooraan, als de dichter na twijfel of strijd tot een vaste overtuiging komt. 'Zekerlijk, Zijn heil is nabij degenen, die Hem vrezen' (Psalm 85:10). 'Och, HEERE! zekerlijk ik ben Uw knecht' (Psalm 116:16). Psalm 126 belooft wie wenend zaait: 'maar voorzeker zal hij met gejuich wederkomen'. In de beloften aan Abraham staat voorzeker voor een Hebreeuwse verdubbeling: 'Voorzeker zal Ik u grotelijks zegenen' (Genesis 22:17).
Voorwaar is vooral een woord uit de Evangeliën. De Heere Jezus begint er plechtige uitspraken mee, zoals 'Want voorwaar zeg Ik u' over de wet die niet voorbijgaat (Mattheüs 5:18), en tegen de misdadiger aan het kruis: 'Voorwaar, zeg Ik u: Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn' (Lukas 23:43). Alleen in het Evangelie naar Johannes staat het dubbel: 'Voorwaar, voorwaar zeg Ik u' (Johannes 3:3).
Gewisselijk staat ook in Habakuk 2:3, waar de vervulling van het gezicht vast beloofd wordt: 'want Hij zal gewisselijk komen'. Zo geven deze kleine woorden de lezer houvast. Wat God zegt, staat vast, ook als het nog niet te zien is.
Verzen met zekerlijk
“Zekerlijk, Zijn heil is nabij degenen, die Hem vrezen, opdat in ons land eer wone.”
Na de bede om herstel klinkt een vaste zekerheid: Gods heil is nabij wie Hem vreest. Het WNT noemt dit vers als voorbeeld van zekerlijk dat los vóór de zin staat, zonder dat de woordvolgorde verandert.
“Toen nu Jakob van zijn slaap ontwaakte, zeide hij: Gewisselijk is de HEERE aan deze plaats, en ik heb het niet geweten!”
Jakob ontdekt dat God bij hem is op een plaats waar hij dat niet verwachtte. De kanttekening zegt dat gewisselijk hier slaat op Gods bijzondere aanwezigheid in de openbaring, want verder is God overal.
“Voorzeker zal Ik u grotelijks zegenen, en uw zaad zeer vermenigvuldigen, als de sterren des hemels, en als het zand, dat aan den oever der zee is; en uw zaad zal de poorten zijner vijanden erfelijk bezitten.”
Na de offerande van Izak bevestigt God Zijn belofte aan Abraham. Voorzeker geeft een Hebreeuwse verdubbeling weer, die de kanttekening letterlijk vertaalt als zegenende zegenen.
“Jezus antwoordde en zeide tot hem: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Tenzij dat iemand wederom geboren worde, hij kan het Koninkrijk Gods niet zien.”
Tegen Nicodemus zegt de Heere Jezus met dubbele nadruk dat niemand het Koninkrijk van God kan zien zonder wedergeboorte. Het dubbele voorwaar staat in de Statenvertaling alleen in het Evangelie naar Johannes.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Wat de kanttekeningen zeggen
Bij Genesis 28:16
Gewisselijk. Te weten, op een bijzondere wijze, ten aanzien van de voorgaande openbaring; anderszins is God overal.
De vertalers voorkomen een misverstand. Jakob zegt niet dat God alleen in Bethel is. God is overal, maar hier was Hij op een bijzondere wijze aanwezig, in de openbaring die Jakob in zijn droom kreeg.
Bij Genesis 22:17
Voorzeker. Hebr. zegenende zegenen, en vermenigvuldigende zal Ik vermenigvuldigen.
In het Hebreeuws staat het werkwoord tweemaal: zegenende zegenen. Zo maakt de taal duidelijk dat iets zeker en overvloedig gebeurt. De Statenvertaling geeft die nadruk weer met voorzeker en grotelijks.
Uit de Kanttekeningen bij de Statenvertaling (1637).
Uit de grondtekst
אַךְ ak (Hebreeuws, H389)
Het Hebreeuwse ak is volgens het Strong's-lexicon een woordje van bevestiging: zeker, waarlijk. Het kan ook beperkend zijn, alleen of maar. Op deze plaatsen geeft de Statenvertaling het weer met zekerlijk of gewisselijk.
Onder meer in Psalm 85:10, Psalm 140:14 en Jesaja 45:24. Woordstudie bij H389 (na inloggen).
ἀμήν amen (Grieks, G281)
Het Griekse amen komt volgens het Strong's-lexicon uit het Hebreeuws en betekent vast, betrouwbaar; als bijwoord: zeker, waarlijk. Waar de Heere Jezus zegt voorwaar zeg Ik u, staat in de grondtekst amen.
Onder meer in Mattheus 5:18, Lukas 23:43 en Johannes 3:3. Woordstudie bij G281 (na inloggen).
Verwante woorden
- amen: Het woord achter voorwaar in de Evangeliën: het is zeker, het is waar.
- waarlijk: Een gewoner woord met dezelfde nadruk, zoals in Jesaja 53:4.
- gewis: Zeker, vast; volgens het WNT is gewisselijk daarvan afgeleid met -lijk.
- alzo: Ook een veelgebruikt bijwoord van de Statenvertaling, vaak in vaste verbindingen als niet alzo.
Bronnen
- Woordenboek der Nederlandsche Taal (Instituut voor de Nederlandse Taal), artikel M088438. De betekenis staat hierboven in eigen woorden.
- Woordenboek der Nederlandsche Taal (Instituut voor de Nederlandse Taal), artikel M020099. De betekenis staat hierboven in eigen woorden.
- Woordenboek der Nederlandsche Taal (Instituut voor de Nederlandse Taal), artikel M082421. De betekenis staat hierboven in eigen woorden.
- Woordenboek der Nederlandsche Taal (Instituut voor de Nederlandse Taal), artikel M082367. De betekenis staat hierboven in eigen woorden.
- Kanttekeningen bij de Statenvertaling (1637), bij Genesis 22:17 en Genesis 28:16
- Strong's-lexicon: H389 en G281
- Telling en verzen: de Statenvertaling zoals die op BijbelAssistent staat.