Ga naar hoofdinhoud

Als de rouw blijft

Een leesplan van 21 dagen voor wie na een verlies blijft rouwen, met Naomi, Jakob, David, Job, Psalm 88 en 2 Korinthe en elke dag een vraag en een overdenking.

21 dagen
~5-10 min/dag
Makkelijk

Dit gratis leesplan van 21 dagen is bedoeld voor wie na een verlies blijft rouwen. U leest elke dag vijf tot tien minuten in de Statenvertaling: over Naomi, Jakob, David en Job, Psalm 88 en 77, en de troost uit 2 Korinthe. Bij elke dag horen een vraag en een korte overdenking.

Over dit leesplan

Rouw houdt zich niet aan de weken na de uitvaart. Wanneer de kaarten zijn opgeborgen en de omgeving verdergaat, kan het gemis juist zwaarder worden. Dit leesplan van 21 dagen is bedoeld voor die tijd. Het sluit aan op het plan Troost bij verlies, maar vraagt dat plan niet als voorkennis.

In de eerste week leest u geschiedenissen van mensen die lang rouwden. Naomi komt leeg terug in Bethlehem en zegt: 'Noemt mij niet Naomi, noemt mij Mara' (Ruth 1:20). Jakob 'weigerde zich te laten troosten' (Genesis 37:35). David rouwt om Jonathan, om een kind en om Absalom, en Job verliest op één dag bijna alles. De week eindigt bij Psalm 88, die besluit met de regel 'mijn bekenden zijn in duisternis' (Psalm 88:19). De tweede week staat in het teken van Job en van Psalm 77 en 39: gebeden waarin God wordt aangesproken terwijl er nog geen antwoord is. Op dag 14 leest u in Romeinen 8 over de Geest, Die voor ons bidt.

In de derde week staat u bij het kruis (Johannes 19) en leest u de troost van 2 Korinthe. Paulus noemt God 'de God aller vertroosting' (2 Korinthe 1:3). Het plan eindigt bij de belofte dat de Heere HEERE 'de tranen van alle aangezichten afwissen' zal (Jesaja 25:8), en bij Psalm 73: 'Gij hebt mijn rechterhand gevat' (Psalm 73:23).

Het plan loopt naar de hoop van het Evangelie, maar verwacht niet dat uw verdriet in 21 dagen dezelfde weg gaat, en zegt niet wanneer rouw voorbij moet zijn. Bij elke dag horen een vraag en een korte overdenking; dag 1 staat hieronder als voorbeeld. Bijbellezen vervangt geen gesprek. Zoek ook uw predikant, ouderling of huisarts op wanneer dit zwaar blijft.

Voor wie

Voor wie een dierbare verloor en merkt dat het gemis na de eerste weken of maanden niet minder wordt. Het plan sluit aan op Troost bij verlies, maar vraagt geen voorkennis. Het past ook bij wie rouwt om een kind, een vriend of een ouder, en bij wie iemand bijstaat die al lang rouwt.

Wat u leest

  • Elke dag een kort gedeelte lezen over mensen in de Bijbel die lang rouwden

  • Het boek Job en de klaagpsalmen leren kennen als taal voor een verdriet dat blijft

  • Zien dat klagen tot God in de Bijbel een plaats heeft naast hopen op Hem

  • De troost van 2 Korinthe en de belofte van Jesaja 25 naast uw eigen gemis leggen

Achtergrond en doel

Achtergrond: de Bijbel spreekt over rouw zonder haast. Israël beweende Mozes dertig dagen in de vlakke velden van Moab (Deuteronomium 34:8). Jakob zegt dat hij rouw zal bedrijven tot hij bij zijn zoon in het graf komt (Genesis 37:35), en David roept in de opperzaal der poort: 'Mijn zoon Absalom, mijn zoon' (2 Samuël 18:33). De vrienden van Job zitten zeven dagen en zeven nachten zwijgend bij hem, 'want zij zagen, dat de smart zeer groot was' (Job 2:13). De klaagpsalmen laten zien dat zulke rouw tot God gericht mag worden. Psalm 77 vraagt het hardop: 'Heeft God vergeten genadig te zijn' (Psalm 77:10)?

Doel: dit plan wil u niet door een fase heen leiden, maar woorden aanreiken voor een verdriet dat blijft. Het boek Job neemt daarin een grote plaats in. Job klaagt, zoekt God zonder Hem te vinden, en belijdt tegelijk: 'mijn Verlosser leeft' (Job 19:25). Aan het eind erkent Job: 'Zo heb ik dan verhaald, hetgeen ik niet verstond' (Job 42:3). Toch neemt de HEERE Job in bescherming tegenover vrienden die alles meenden te kunnen verklaren: zij hebben niet recht van Hem gesproken 'gelijk Mijn knecht Job' (Job 42:7). In de laatste week staat de hoop van het Evangelie centraal. Christus is gestorven 'opdat wij, hetzij dat wij waken, hetzij dat wij slapen, te zamen met Hem leven zouden' (1 Thessalonicenzen 5:10). Die hoop neemt het gemis niet weg: in Romeinen 8 en 2 Korinthe 4-5, die u in dit plan leest, schrijft Paulus ook over verdrukking en zuchten.

Voor wie: het plan kiest bewust voor geschiedenissen waarin de rouw niet netjes verloopt: een moeder die zich Mara noemt, een vader die niet getroost wil worden, een koning die rouwt om een zoon die tegen hem opstond. Wie iemand in langdurige rouw bijstaat, vindt in de vrienden van Job zowel een voorbeeld als een waarschuwing.

Tempo: 21 dagen van vijf tot tien minuten. De eerste lezing van elke dag is een korte kerntekst; daarna volgt het gedeelte zelf. Een dag overslaan of teruggaan mag; de dagen staan naast elkaar en vormen geen schema dat u moet afronden.

Dagoverzicht

Bezig met laden…
Bekijk het volledige leesschema
1

Ledig teruggekeerd naar Bethlehem

Ruth 1:20, 1:1-22

2

Hij weigerde zich te laten troosten

Genesis 37:35, 37:31-35

3

Een klaaglied om een vriend

2 Samuël 1:26, 1:17-27

4

Hij zal tot mij niet wederkomen

2 Samuël 12:23, 12:16-23

5

Mijn zoon Absalom, mijn zoon

2 Samuël 18:33, 18:33-19:8

6

De HEERE heeft gegeven

Job 1:21, 1:13-22

7

Bij dag en bij nacht roepen

Psalm 88:2, 88

8

Zeven dagen zwijgen bij de smart

Job 2:13, 2:11-13, 16:1-5

9

Mijn Verlosser leeft

Job 19:25, 19:13-27

10

Als God niet te vinden is

Job 23:9, 23:3-10

11

Gedenken in de nacht

Psalm 77:12, 77:2-21

12

Recht van God gesproken

Job 42:5, 42:1-9

13

Mijn hoop, die is op U

Psalm 39:8, 39:2-14

14

Met onuitsprekelijke zuchtingen

Romeinen 8:26, 8:18-27

15

Vrouw, zie, uw zoon

Johannes 19:26-27, 19:25-30

16

De God aller vertroosting

2 Korinthe 1:3, 1:3-11

17

Een schat in aarden vaten

2 Korinthe 4:7, 4:7-15

18

Een huis niet met handen gemaakt

2 Korinthe 5:1, 4:16-5:8

19

Te zamen met Hem leven

1 Thessalonicenzen 5:10, 5:8-11

20

De tranen van alle aangezichten

Jesaja 25:8, 25:6-9

21

Gij hebt mijn rechterhand gevat

Psalm 73:23, 73:16-28

Een dag uit dit leesplan: dag 1

Naomi komt zonder man en zonen terug in Bethlehem en zegt tegen wie haar herkennen: 'Noemt mij niet Naomi, noemt mij Mara' (Ruth 1:20).

Naomi verliest in Moab eerst haar man en daarna haar twee zonen. Ze blijft achter in een vreemd land en keert terug als ze hoort dat er in Juda weer brood is. Bij haar aankomst wordt de hele stad beroerd: 'Is dit Naomi' (Ruth 1:19). Ze antwoordt met een andere naam en zegt waar haar leegte vandaan komt: 'Vol toog ik weg, maar ledig heeft mij de HEERE doen wederkeren' (Ruth 1:21). Niemand in het hoofdstuk spreekt haar tegen.

Na lange rouw kan het gebeuren dat anderen u terugzien en schrikken van wat het verlies heeft gedaan. Naomi verbergt dat niet. Haar woorden zijn hard, maar ze laat God er niet buiten: ook in haar leegte noemt ze de HEERE en de Almachtige. Ruth gaat met haar mee, en toch eindigt het hoofdstuk niet bij een oplossing. Het noemt alleen de tijd van het jaar: 'in het begin van de gersteoogst' (Ruth 1:22).

Wat herkent u in Naomi, die na haar verlies zegt 'noemt mij Mara'?

Wat u krijgt

Dagelijks leesschema

Precies weten wat u elke dag moet lezen

Voortgang bijhouden

Vink een dag af en zie waar u gebleven was

Direct naar de tekst

Klik door naar de Bijbeltekst in uw favoriete vertaling

Reflectievragen

Verdiepende vragen om over na te denken

Tips voor dit leesplan

  • Lees eerst de kerntekst en daarna het gedeelte. Op een dag met weinig kracht kunt u het bij de kerntekst laten.

  • De dagen vormen geen route die u moet afleggen. Teruggaan naar een eerdere dag of een week pauzeren hoort erbij.

  • Psalm 88 op dag 7 eindigt zonder licht. Laat dat staan; ook zo'n gebed heeft een plaats in de Bijbel.

  • Rond een sterfdag, een verjaardag of de feestdagen kan een dag zwaarder vallen. Lees dan alleen de kerntekst, of lees samen met iemand die u vertrouwt.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil met het leesplan Troost bij verlies?
Troost bij verlies telt zeven korte gedeelten voor de eerste tijd na een verlies. Dit plan is langer en bedoeld voor later, wanneer het gemis blijft. Het gebruikt andere gedeelten: de geschiedenissen van Naomi, Jakob, David en Job, Psalm 88, 77, 39 en 73, Romeinen 8, Johannes 19, 2 Korinthe en Jesaja 25. Wie het hele boek Job wil lezen, vindt dat in het plan Job in 21 dagen; hier staan alleen de gedeelten waarin Job rouwt. U kunt de plannen na elkaar lezen, maar dat hoeft niet.
Waarom duurt dit plan 21 dagen als rouw geen vaste duur heeft?
De Bijbel kent vaste tijden van openlijke rouw, zoals de dertig dagen waarin Israël Mozes beweende (Deuteronomium 34:8). Een termijn waarna het verdriet zelf voorbij moet zijn, noemt de Bijbel niet. Jakob zei dat hij zou rouwen tot hij bij zijn zoon in het graf kwam (Genesis 37:35). De 21 dagen zijn alleen de omvang van het plan; het rekent er niet op dat het verdriet daarna minder is.
Waarom laat dit plan bitterheid en klacht tot God staan?
In de Bijbel spreken gelovigen hun bitterheid tegenover God uit. Naomi zegt: 'de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan' (Ruth 1:20), en Job klaagt hoofdstukken lang tot God. Dat klagen gaat naar God toe, niet van Hem weg. Job erkent aan het eind: 'Zo heb ik dan verhaald, hetgeen ik niet verstond' (Job 42:3), en toch spreekt God tegenover de vrienden van 'Mijn knecht Job' (Job 42:7). Dit plan laat die klacht staan en praat haar niet weg.
Is dit plan geschikt bij rouw om een kind?
Ja, al vraagt dat om zorg. Op dag 4 leest u hoe David rouwt om zijn kind: 'Ik zal wel tot hem gaan, maar hij zal tot mij niet wederkomen' (2 Samuël 12:23). In dat hoofdstuk hangt de ziekte van het kind samen met Davids eigen zonde. De overdenking zegt daarom uitdrukkelijk dat dit Davids geschiedenis is en geen verklaring voor het sterven van een ander kind. Het plan legt geen verband tussen uw verlies en schuld.
Wat als het lezen het verdriet juist zwaarder maakt?
Dat kan gebeuren, en het betekent niet dat u iets verkeerd doet. Lees dan alleen de kerntekst, of leg het plan een tijd weg. Bijbellezen vervangt geen gesprek. Zoek ook uw predikant, ouderling of huisarts op wanneer dit zwaar blijft.
Wat als ik niet weet hoe mijn dierbare tegenover God stond?
Die vraag kan het rouwen zwaarder maken. De beloften uit de laatste week van dit plan zijn gegeven aan wie Christus toebehoren. Het plan spreekt geen oordeel uit over wie u verloor; dat oordeel is aan God. Abraham vraagt: 'Zou de Rechter der ganse aarde geen recht doen' (Genesis 18:25)? Spreek over deze vraag ook met uw predikant of ouderling.

Verdiep u verder

Andere leesplannen