Ga naar hoofdinhoud

Gelijkenissen in 21 dagen

Lees in 21 dagen de gelijkenissen van de Heere Jezus, van de zaaier en de verloren zoon tot de tien maagden, elke dag met een vraag en een korte overdenking.

21 dagen
~5-10 min/dag
Makkelijk

Het leesplan Gelijkenissen in 21 dagen neemt u in drie weken langs meer dan twintig gelijkenissen van de Heere Jezus, van de zaaier tot de tien maagden. Elke dag leest u één gedeelte in de Statenvertaling, soms met twee of drie korte gelijkenissen, en daarbij een vraag en een korte overdenking. Reken op vijf tot tien minuten per dag.

Over dit leesplan

Een zaaier die uitgaat om te zaaien, een vrouw die haar huis veegt om één verloren penning, een vader die zijn zoon ziet thuiskomen, tien maagden die op de bruidegom wachten. De Heere Jezus vertelde gelijkenissen over gewone dingen: akkers, schapen, geld, maaltijden en wijngaarden. Toch gaan ze over het grootste wat er is: het Koninkrijk van God en de vraag hoe een mens daarin staat. Markus schrijft dat Hij door vele zulke gelijkenissen tot de scharen sprak, 'naardat zij het horen konden' (Markus 4:33).

Dit leesplan brengt de gelijkenissen in 21 dagen samen in vier delen. De eerste vijf dagen leest u Mattheüs 13 en Markus 4: de zaaier, het zaad dat opgroeit terwijl de boer slaapt, het mosterdzaad, het onkruid, de schat en de parel. Daarna gaat het over Wie de Heere Jezus is en hoe God zoekt en geeft: de nieuwe wijn, Een die sterker is, Lukas 15, de arbeiders in de wijngaard en de vijgeboom die nog een jaar krijgt. Het derde deel gaat over leven voor Gods aangezicht, van de laatste plaats aan de maaltijd via de barmhartige Samaritaan, de rijke dwaas en de rijke man en Lazarus tot het huis op de steenrots en het overrekenen van de kosten. De laatste dagen gaan over de Zoon Die gezonden wordt en over het wachten op Zijn komst.

Elke dag leest u één gedeelte met de aanleiding van de gelijkenis, van drie tot ruim twintig verzen; soms staan twee of drie korte gelijkenissen naast elkaar, zoals de schat en de parel. Bij elke lezing staan een vraag en een korte overdenking die dicht bij de tekst blijven. Het plan leest de gelijkenissen niet als losse levenslessen, maar als woorden van de Heere Jezus Zelf.

Voor wie

Voor wie de gelijkenissen kent uit de kinderbijbel en ze nu zelf, in hun verband, wil lezen. Geschikt voor persoonlijk gebruik, naast een Evangelieplan, en voor kringen, clubs en jeugdverenigingen die drie weken lang samen hetzelfde rooster volgen en de vraag van de dag bespreken. Voorkennis is niet nodig.

Wat u leest

  • Meer dan twintig gelijkenissen van de Heere Jezus lezen, elk in haar eigen verband

  • De gelijkenissen van het Koninkrijk uit Mattheüs 13 als één geheel leren kennen

  • Zien hoe God in Lukas 15 het verlorene zoekt en Zich verblijdt over wie gevonden wordt

  • Eindigen bij de gelijkenissen over de komst van de Heere en het wachten op Hem

Achtergrond en doel

Achtergrond: een gelijkenis is een vergelijking in verhaalvorm. Veel gelijkenissen beginnen met de woorden 'Het Koninkrijk der hemelen is gelijk' (Mattheüs 13:24). De Heere Jezus gebruikte beelden die Zijn hoorders kenden: een akker met paden en rotsen, schapen die afdwalen, een wijngaard met pachters, een bruidegom die pas te middernacht komt. Mattheüs, Markus en Lukas hebben samen tientallen gelijkenissen bewaard.

Doel: dit plan leest de gelijkenissen als woorden van de Koning over Zijn Koninkrijk. Ze laten zien hoe het Koninkrijk klein begint en toch doorgroeit, hoe God het verlorene zoekt, en hoe een mens leeft voor Zijn aangezicht in afwachting van de oogst. Wie het gegeven wordt te verstaan, gaat in een gelijkenis het Koninkrijk zien; wie zich afsluit, hoort alleen een verhaal. In veel gelijkenissen spreekt de Heere Jezus ook over Zichzelf: Hij is Degene 'Die het goede zaad zaait' (Mattheüs 13:37), de Bruidegom, de Zoon Die gezonden wordt en de Heere Die terugkomt.

Voor wie: voor wie de gelijkenissen kent uit de kinderbijbel of van de zondagsschool en ze nu zelf wil lezen in de Statenvertaling. Ook geschikt voor een kring, club of jeugdvereniging die drie weken lang samen hetzelfde rooster volgt en de vraag van de dag bespreekt.

Tempo: elke dag één gedeelte van drie tot ruim twintig verzen. Met de vraag en de overdenking bent u vijf tot tien minuten bezig. Op de meeste dagen staat eerst één kernvers apart en volgt daarna het hele gedeelte, waarin dat vers terugkomt. Dat kernvers is het vers om die dag mee te nemen.

Dagoverzicht

Bezig met laden…
Bekijk het volledige leesschema
1

Wie oren heeft om te horen

Mattheüs 13:16, 13:1-23

2

Het zaad groeit, hij weet niet hoe

Markus 4:28, 4:26-34, Mattheüs 13:33

3

Laat ze beiden te zamen opwassen

Mattheüs 13:24-30, 13:36-43

4

Een parel van grote waarde

Mattheüs 13:44-46

5

Nieuwe en oude dingen

Mattheüs 13:47-52

6

Nieuwe wijn in nieuwe zakken

Lukas 5:38, 5:33-39

7

Een die sterker is dan hij

Lukas 11:20, 11:14-23

8

Blijdschap over een zondaar

Lukas 15:10, 15:1-10

9

Hij was verloren, en is gevonden

Lukas 15:32, 15:11-32

10

Omdat ik goed ben

Mattheüs 20:1-16

11

Laat hem ook nog dit jaar

Lukas 13:8, 13:1-9

12

Zet u in de laatste plaats

Lukas 14:11, 14:7-24

13

Wie is mijn naaste?

Lukas 10:33, 10:25-37

14

Rijk zijn in God

Lukas 12:15, 12:13-21

15

Zij hebben Mozes en de profeten

Lukas 16:29, 16:19-31

16

Het fondament op een steenrots

Lukas 6:47, 6:46-49

17

Eerst nederzitten en de kosten overrekenen

Lukas 14:28, 14:25-35

18

Ik zal mijn geliefden zoon zenden

Lukas 20:13, 20:9-19

19

Doet handeling, totdat ik kome

Lukas 19:13, 19:11-27

20

Zalig zijn die dienstknechten

Lukas 12:35-40

21

Ziet, de bruidegom komt

Mattheüs 25:1-13

Een dag uit dit leesplan: dag 1

De Heere Jezus noemt het zien en horen van Zijn discipelen een gave: 'uw ogen zijn zalig, omdat zij zien, en uw oren, omdat zij horen' (Mattheüs 13:16).

Vanuit een schip spreekt de Heere Jezus tot de schare op de oever, 'vele dingen door gelijkenissen' (Mattheüs 13:3). De zaaier in het verhaal is opvallend ruim: zijn zaad valt bij de weg, op steenachtige plaatsen, tussen de doornen en in de goede aarde. Daarna vragen de discipelen: 'Waarom spreekt Gij tot hen door gelijkenissen' (Mattheüs 13:10). Het antwoord begint bij een gave: 'het u gegeven is, de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen te weten' (Mattheüs 13:11). Wie het gegeven wordt, gaat in de gelijkenis het Koninkrijk zien; van wie zich afsluit, zegt de Heere Jezus: 'hun ogen hebben zij toegedaan' (Mattheüs 13:15).

Zo begint dit plan bij een gave en niet bij een opdracht. Wat vele profeten en rechtvaardigen begeerden te zien, zien de discipelen nu. De Heere Jezus legt de gelijkenis daarna Zelf uit. Het gaat in Zijn uitleg over de akkers: vier manieren om het Woord te horen, tot aan degene 'die het Woord hoort en verstaat' (Mattheüs 13:23). Wie de komende weken de gelijkenissen leest, kan beginnen met de bede om dat verstaan. Dan klinkt de oproep uit het verhaal als een uitnodiging: 'Wie oren heeft om te horen, die hore' (Mattheüs 13:9).

Wat betekent het voor u dat het verstaan van de gelijkenissen een gave is?

Wat u krijgt

Dagelijks leesschema

Precies weten wat u elke dag moet lezen

Voortgang bijhouden

Vink een dag af en zie waar u gebleven was

Direct naar de tekst

Klik door naar de Bijbeltekst in uw favoriete vertaling

Reflectievragen

Verdiepende vragen om over na te denken

Tips voor dit leesplan

  • Gelijkenissen lezen begint bij wat eraan voorafgaat. Vaak geeft een vraag of een gebeurtenis de aanleiding, zoals de wetgeleerde die vraagt wie zijn naaste is (Lukas 10:29).

  • Zoek eerst de hoofdlijn van het verhaal. Niet elk detail heeft een eigen betekenis; let vooral op het punt waar het verhaal verrast of omslaat.

  • Waar de Heere Jezus een gelijkenis Zelf uitlegt, zoals de zaaier en het onkruid in Mattheüs 13, is die uitleg leidend.

  • Leest u met een club of in het gezin, vertel de gelijkenis dan eerst samen na zonder Bijbel en lees daarna de tekst. Zo hoort u wat er werkelijk staat en wat u er zelf bij dacht.

Veelgestelde vragen

Welke gelijkenissen leest u in dit plan?
Dag 1 tot en met 5 lezen de gelijkenissen van het Koninkrijk uit Mattheüs 13 en Markus 4, van de zaaier tot het net. Dag 6 tot en met 11 gaan over Wie de Heere Jezus is en hoe God zoekt: de nieuwe wijn, de Sterkere, Lukas 15, de arbeiders in de wijngaard en de vijgeboom. Dag 12 tot en met 17 gaan over leven voor Gods aangezicht, van de laatste plaats en het grote avondmaal tot het huis op de steenrots en het overrekenen van de kosten. De laatste vier dagen lezen de wijngaardeniers, de ponden, de wachtende dienstknechten en de tien maagden.
Welke bekende gelijkenissen staan niet in dit plan?
Een plan van 21 dagen moet kiezen. De talenten uit Mattheüs 25 staan er niet in; in plaats daarvan leest u op dag 19 de ponden uit Lukas 19. Ook de onrechtvaardige rechter (Lukas 18:1-8) ontbreekt. De onbarmhartige dienstknecht (Mattheüs 18:23-35) leest u op dag 7 van Het Onze Vader in 8 dagen, bij de bede om vergeving. De Farizeeër en de tollenaar staan op dag 12 van 40 dagen naar Pasen.
Waarom sprak de Heere Jezus in gelijkenissen?
Die vraag stelden de discipelen ook: 'Waarom spreekt Gij tot hen door gelijkenissen' (Mattheüs 13:10). De Heere Jezus antwoordt dat het hun gegeven is 'de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen te weten' (Mattheüs 13:11). Een gelijkenis opent het Koninkrijk voor wie het gegeven wordt, en blijft een raadsel voor wie zich afsluit. Dag 1 van dit plan leest dat gesprek, samen met de gelijkenis van de zaaier.
Waarom komen de meeste dagen uit Lukas?
Lukas heeft gelijkenissen bewaard die in geen ander Evangelie staan, zoals de barmhartige Samaritaan, de verloren zoon, de rijke dwaas en de rijke man en Lazarus. De gelijkenissen van het Koninkrijk staan het volledigst in Mattheüs 13; daarmee begint het plan. Waar een gelijkenis in meer Evangeliën staat, kiest het plan één versie, soms bewust de minder bekende, zoals het huis op de steenrots uit Lukas 6 en de ponden uit Lukas 19.
Is dit plan geschikt voor kinderwerk, een club of een kring?
Ja. De gelijkenissen zijn verhalen die ook kinderen en tieners kunnen navertellen. Een clubleider, kringleider of ouder kan de lezing van de dag als voorbereiding gebruiken en de vraag van de dag als gespreksvraag. Spreek af dat iedereen op dezelfde dag hetzelfde gedeelte leest. De overdenkingen zelf zijn geschreven voor volwassen lezers.
Wat kan ik na dit plan lezen?
Wie de gelijkenissen in het geheel van een Evangelie wil lezen, gaat verder met Lukas in 30 dagen; de meeste gelijkenissen uit dit plan komen daar opnieuw langs. Wie de woorden van de Heere Jezus in één toespraak wil lezen, kiest De Bergrede in 7 dagen. En Mattheüs in 28 dagen laat zien waar Mattheüs 13 en de gelijkenissen over de komst van de Heere in dat Evangelie staan.

Verdiep u verder

Andere leesplannen