Job 39
Samenvatting
Job 39 beschrijft hoe God door wilde dieren Zijn soevereiniteit toont. Van de leeuw en de raaf tot het moedige oorlogspaard en de arend: elk dier illustreert Gods wijze ontwerp en absolute controle over de schepping. In de Statenvertaling telt dit hoofdstuk achtendertig verzen en besluit het met Jobs eerste, nederige antwoord: "Zie, ik ben te gering" (vers 37).
Lees de volledige uitleg →