Ruth 1 in het kort: tijdens een hongersnood trekt Naomi met haar gezin van Bethlehem naar Moab, waar haar man Elimelech en haar beide zonen sterven. Als Naomi terugkeert, gaat haar Moabietische schoondochter Ruth met haar mee: "uw volk is mijn volk, en uw God mijn God" (vers 16). Ze komen in Bethlehem aan bij het begin van de gersteoogst.
De opbouw van Ruth 1 en de namen in dit hoofdstuk
Ruth 1 telt 22 verzen en bestaat uit vier gedeelten. Vers 1-5: het gezin van Elimelech trekt door hongersnood van Bethlehem naar Moab, waar Elimelech en zijn beide zonen sterven. Vers 6-7: Naomi hoort dat de HEERE Zijn volk brood heeft gegeven en gaat terug. Vers 8-18: het afscheid onderweg, waarin Orpa terugkeert en Ruth blijft. Vers 19-22: de aankomst in Bethlehem bij het begin van de gersteoogst. Zoekt u Ruth 1:1-5 of Ruth 1:1-18, dan gaat het om het eerste, respectievelijk het eerste tot en met het derde gedeelte.
De namen dragen het hoofdstuk. Naomi betekent lieflijk of aangenaam; bij haar terugkeer vraagt zij Mara genoemd te worden, dat bitter betekent. Het scharnier is vers 16, dat in de Statenvertaling luidt: "waar gij zult heengaan, zal ik ook heengaan, en waar gij zult vernachten, zal ik vernachten; uw volk is mijn volk, en uw God mijn God". Op deze pagina staat het hoofdstuk in de Statenvertaling; de HSV telt dezelfde 22 verzen, zodat deze uitleg naast beide vertalingen te lezen is. Het vervolg staat in Ruth 2.