Psalm 45 telt in de Statenvertaling 18 verzen en is een bruiloftslied voor een koning. Het opschrift telt als vers 1: 'Een onderwijzing, een lied der liefde, voor den opperzangmeester, onder de kinderen van Korach, op Schoschannim.' De dichter opent in vers 2: 'Mijn hart geeft een goede rede op; ik zegge mijn gedichten uit van een Koning; mijn tong is een pen eens vaardigen schrijvers.'
Daarna prijst hij eerst de koning zelf (vers 3 tot 10), met het zwaard aan de heup en klederen van mirre, aloë en kassie (vers 9). Vanaf vers 11 richt het lied zich tot de bruid: 'Hoor, o Dochter! en zie, en neig uw oor; en vergeet uw volk en uws vaders huis', gevolgd door vers 12: 'Zo zal de Koning lust hebben aan uw schoonheid; dewijl Hij uw Heere is, zo buig u voor Hem neder.' De tekst leest u in de Statenvertaling op Psalm 45, tussen de koningspsalmen.
Berijmd of onberijmd: Psalm 45 vers 1. Wie zoekt op de regel 'mijn hart vervuld met heilbespiegelingen' zoekt de gezongen psalm: zo begint Psalm 45 vers 1 in de berijming van 1773, die weergeeft wat in de onberijmde Statenvertaling vers 2 is. Leest u liever mee in de Herziene Statenvertaling, dan vindt u op de pagina over de Herziene Statenvertaling wat die anders doet.
Omdat het opschrift in de Statenvertaling als vers 1 meetelt, lopen de nummers van de gezongen en de gelezen psalm hier niet gelijk.