Ga naar hoofdinhoud

Smirna in de Bijbel

Smyrna (Grieks). De naam hangt samen met het Griekse woord smyrna, dat "mirre" betekent — een kostbare, welriekende hars die werd gebruikt voor balseming en als reukwerk. Mirre verspreidt haar geur pas als zij wordt gestampt en verwond, een treffend beeld voor een gemeente die in lijden haar getuigenis gaf. In het Nieuwe Testament wordt de stad alleen genoemd in Openbaring 1:11 en 2:8.

Smirna was een welvarende havenstad aan de westkust van Klein-Azië en een van de zeven gemeenten uit Openbaring. De jonge christengemeente leed er verdrukking en armoede om Christus' wil, maar Christus noemde haar geestelijk rijk en beloofde haar "de kroon van het leven" (Openbaring 2:8-11). Vandaag ligt op dezelfde plaats het Turkse Izmir.

Ook bekend als: Smyrna, Smurna, Izmir (moderne naam)

Ligging

Smirna lag aan de oostkust van de Egeische Zee in de Romeinse provincie Asia, ongeveer 60 kilometer ten noorden van Efeze. De stad had een diepe, goed beschutte natuurlijke haven aan de Golf van Smirna en lag aan het einde van een belangrijke handelsweg die vanuit het binnenland van Lydië en Frygië naar de kust liep. Door haar ligging kon Smirna zich meten met Efeze als belangrijkste havenstad van Klein-Azië.

Vandaag

Smirna bestaat vandaag nog als de Turkse stad Izmir, de derde grootste stad van Turkije met meer dan vier miljoen inwoners. Izmir is een doorlopende voortzetting van het oude Smirna, wat haar een van de weinige bijbelse steden maakt die tot op vandaag onafgebroken bewoond zijn gebleven. In het centrum zijn overblijfselen van de Romeinse agora te bezichtigen. In de christelijke overlevering wordt ook een kerk ter ere van Polycarpus, de tweede-eeuwse bisschop en martelaar, in de stad bezocht.

Geschiedenis

Smirna was een van de oudste steden van Klein-Azië en werd volgens de overlevering gesticht door de Ioniërs, lang vóór de klassieke tijd. Rond de tiende eeuw voor Christus was Smirna al een bloeiende nederzetting. Later werd zij vernietigd door de Lydische koning Alyattes en lag zij eeuwenlang grotendeels verlaten. Rond 300 voor Christus werd de stad opnieuw gesticht op een nieuwe plaats door de opvolgers van Alexander de Grote en groeide zij uit tot een van de mooiste steden van de antieke wereld, met rechte, geplaveide straten, tempels en een stadion. Smirna rivaliseerde voortdurend met Efeze en Pergamum om de titel "eerste stad van Asia". Zij koesterde een bijzondere band met Rome: al in 195 voor Christus bouwde zij, als eerste stad in de Griekse wereld, een tempel voor de godin Roma, nog vóór Rome zelf een wereldmacht was. In 26 na Christus kreeg zij van keizer Tiberius de eer een tempel voor de keizercultus te mogen bouwen, een voorrecht waarvoor elf steden gestreden hadden. Deze vereenzelviging met de keizerverering werd in de eerste eeuw een bron van vijandschap tegen de christenen, die weigerden te zeggen "Caesar is heer". In de stad woonde een grote en welgestelde Joodse gemeenschap. Volgens Openbaring 2:9 speelden sommige leden van de plaatselijke synagoge een actieve rol in de aanklacht van christenen bij de Romeinse overheid — Christus noemt hen "een synagoge van de satan". Toen Johannes eind eerste eeuw het boek Openbaring schreef, was de christengemeente van Smirna klein en arm, maar standvastig. Smirna is ook de plaats waar zich een van de bekendste martelaarsverhalen van de vroege kerk afspeelde. Omstreeks het jaar 155 werd de oude Polycarpus, bisschop van Smirna en leerling van de apostel Johannes, in het stadion van Smirna ter dood gebracht. Toen de proconsul hem opriep Christus te verloochenen en de keizer als heer te erkennen, antwoordde hij: "Zesentachtig jaar heb ik Hem gediend en Hij heeft mij nooit enig kwaad gedaan; hoe zou ik mijn Koning kunnen lasteren, die mij heeft verlost?" Hij werd vervolgens op de brandstapel gezet. Zijn dood, beschreven in het oudste martelaarsverslag buiten het Nieuwe Testament, gaf blijvende vorm aan de zelfopvatting van de gemeente van Smirna als "de lijdende gemeente". Door de eeuwen heen bleef Smirna een belangrijk christelijk centrum, totdat de stad in 1922, aan het einde van de Grieks-Turkse oorlog, door een verwoestende brand grotendeels werd verwoest en haar christelijke bevolking werd verdreven. Vanuit de oude stad Smirna groeide het moderne Izmir.

Betekenis in de Bijbel

Smirna verschijnt in het Nieuwe Testament alleen in Openbaring, en wel als de tweede van de zeven gemeenten die Christus door Johannes aanschrijft (Openbaring 2:8-11). De brief is opvallend kort, maar juist door haar beknoptheid indringend. Samen met de gemeente van Filadelfia is Smirna een van de twee gemeenten aan wie Christus geen enkel verwijt maakt — alleen bemoediging en belofte. Christus stelt Zich aan Smirna voor als "de Eerste en de Laatste, Die dood is geweest en weer levend is geworden" (2:8). Voor een gemeente die met de dood werd bedreigd, is dit de meest passende presentatie denkbaar: Hij die door de dood heen is gegaan en overwonnen heeft, spreekt tot hen die voor hun geloof vermoord dreigen te worden. De opstanding wordt het anker voor hun volharding. Vervolgens spreekt Hij een paradoxale lof uit: "Ik ken uw werken, verdrukking en armoede — u bent echter rijk" (2:9). Terwijl de stad Smirna welvarend was en pochte op haar schoonheid, was de gemeente er arm. Mogelijk waren christenen uit gilden en ambachten uitgesloten omdat zij niet konden deelnemen aan de verplichte offerfeesten voor de patroongoden. Maar in Gods ogen waren zij rijk: rijk in geloof, rijk in volharding, rijk in erfenis. De vervolging kwam zowel van overheidszijde als vanuit een deel van de plaatselijke Joodse gemeenschap die de christenen lasterde (2:9). Christus waarschuwt dat er nog zwaarder lijden komt: de duivel zal sommigen in de gevangenis werpen "opdat u verzocht wordt, en u zult een verdrukking hebben van tien dagen" (2:10). Of dit getal symbolisch is voor een korte, beperkte tijd, of verwijst naar tien concrete episoden van vervolging, is in de uitleggeschiedenis verschillend begrepen. Wat duidelijk is: Christus weet van het lijden, beperkt het in tijd en draagt hen erdoorheen. De belofte klinkt dan: "Wees trouw tot in de dood, en Ik zal u de kroon van het leven geven" (2:10). In een stad vol stadionkronen voor atleten en stadshoofden, spreekt Christus van een blijvende erekrans die Hij zelf zal uitreiken. En: "Wie overwint, zal zeker geen schade ondervinden van de tweede dood" (2:11). De eerste dood kunnen zij ondergaan, maar de eeuwige dood zal hen niet raken.

Sleutelgebeurtenissen in Smirna

1

Johannes ontvangt de opdracht naar Smirna te schrijven

Christus verschijnt in heerlijkheid aan Johannes op Patmos en draagt hem op wat hij ziet in een boek te schrijven en te zenden aan de zeven gemeenten, waaronder Smirna.

Openbaring 1:11

2

Christus presenteert Zich als de Eerste en de Laatste

"Dit zegt de Eerste en de Laatste, Die dood is geweest en weer levend is geworden." Christus benadrukt Zijn overwinning over de dood — een directe bemoediging voor een gemeente die met martelaarschap werd bedreigd.

Openbaring 2:8

3

Verdrukking en armoede van de gemeente

"Ik ken uw werken, verdrukking en armoede — u bent echter rijk — en Ik ken de laster van hen die zeggen dat zij Joden zijn, maar het niet zijn; zij zijn echter een synagoge van de satan." Christus ziet hun uiterlijke tekort én hun geestelijke rijkdom.

Openbaring 2:9

4

Waarschuwing voor tien dagen verdrukking

"Wees niet bevreesd voor wat u lijden zult. Zie, de duivel zal sommigen van u in de gevangenis werpen, opdat u verzocht wordt. En u zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees trouw tot in de dood, en Ik zal u de kroon van het leven geven."

Openbaring 2:10

5

Belofte van bewaring voor de tweede dood

"Wie overwint, zal zeker geen schade ondervinden van de tweede dood." Zij die lichamelijk mogen sterven om Christus' wil, worden in de opstanding gespaard voor de eeuwige dood.

Openbaring 2:11

Theologische betekenis

Smirna leert de kerk wat het betekent dat geestelijke rijkdom en uiterlijke armoede kunnen samengaan. In een welvarende havenstad was de gemeente materieel berooid en sociaal uitgesloten, en toch heet zij in Christus' ogen rijk. Deze omkering van waarden loopt door het hele Nieuwe Testament heen: de armen naar de wereld heeft God uitverkoren om rijk te zijn in het geloof (Jakobus 2:5). Smirna is het voorbeeld bij uitstek van een gemeente waar deze omkering zichtbaar werd. De brief aan Smirna geeft ook ruimte voor de werkelijkheid van lijden om Christus' wil. Christus neemt het lijden niet weg, maar bindt het in: het zal "tien dagen" duren, een beperkte en door Hem begrensde tijd. Hij eist geen verdediging tegen het lijden, maar trouw tot in de dood. Voor vervolgde christenen in alle eeuwen is dit de brief die hen heeft staande gehouden. Mirre — waarnaar de stad vermoedelijk is genoemd — geeft haar geur juist als zij wordt gestampt; zo werd uit de kneuzing van Smirna de welriekende lofprijzing van haar martelaren geboren. Ten slotte verbindt Christus trouw in het lijden met de belofte van "de kroon van het leven" en bewaring voor "de tweede dood". Dit plaatst het lijden in eschatologisch perspectief: wat men tijdelijk verliest, wordt in de opstanding oneindig vergoed. Voor Polycarpus en talloze anderen werd deze belofte werkelijkheid. Smirna daagt ons uit te vragen of onze volharding werkelijk in die hoop geworteld is.

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten helpen je om de rol van Smirna in de Schrift beter te begrijpen.

Veelgestelde vragen over Smirna

Wat betekent de naam Smirna?

De naam Smirna komt van het Griekse woord smyrna dat "mirre" betekent. Mirre is een kostbare, welriekende hars die in de oudheid werd gebruikt voor balseming, als geneesmiddel en als reukwerk. Opvallend is dat mirre haar geur pas ten volle afgeeft wanneer zij wordt gekneusd of verbrand. Voor een gemeente die in verdrukking en armoede haar getuigenis gaf, was het een treffend beeld: juist door het lijden heen verspreidde zich de geur van Christus.

Waar ligt Smirna vandaag?

Smirna bestaat nog steeds en is vandaag bekend als Izmir, de derde grootste stad van Turkije, aan de westkust aan de Egeische Zee. Het is een van de weinige bijbelse steden die onafgebroken bewoond zijn gebleven. Izmir heeft ruim vier miljoen inwoners en is een belangrijke haven- en industriestad. In het oude stadscentrum liggen nog overblijfselen van de Romeinse agora.

Wie was Polycarpus van Smirna?

Polycarpus was bisschop van Smirna in de tweede eeuw en volgens oude bronnen een leerling van de apostel Johannes. Omstreeks het jaar 155 werd hij in het stadion van Smirna ter dood gebracht omdat hij weigerde Christus te verloochenen. Zijn antwoord — "zesentachtig jaar heb ik Hem gediend en Hij heeft mij nooit enig kwaad gedaan; hoe zou ik mijn Koning kunnen lasteren, die mij heeft verlost?" — behoort tot de bekendste woorden uit de vroegchristelijke kerk. Zijn martelaarschap is beschreven in het Martyrium Polycarpi, het oudste martelaarsverhaal buiten het Nieuwe Testament.

Waarom noemt Christus de gemeente van Smirna rijk terwijl zij arm was?

Hoewel de stad Smirna welvarend was, leefde de christengemeente er in materiële armoede. Christenen werden vermoedelijk uit gilden en ambachten geweerd omdat zij niet konden deelnemen aan de verplichte offerfeesten voor de patroongoden, wat hun economische positie ondermijnde. Christus echter noemt hen rijk vanwege hun geloof, volharding en hemelse erfenis (Openbaring 2:9). Dit sluit aan bij Jakobus 2:5: God heeft de armen naar de wereld uitverkoren om rijk te zijn in het geloof en erfgenamen van het Koninkrijk.

Wat betekent "de verdrukking van tien dagen"?

In Openbaring 2:10 waarschuwt Christus de gemeente van Smirna voor "een verdrukking van tien dagen". Uitleggers verschillen over de betekenis. Sommigen lezen het symbolisch als "een beperkte, overzichtelijke tijd" — want tien is in de Bijbel vaak een getal van voltooide, maar begrensde duur. Anderen zien er tien concrete vervolgingsgolven in die de vroege kerk trof onder verschillende keizers. In beide gevallen onderstreept het dat het lijden niet eindeloos zal zijn, maar door Christus in tijd wordt begrensd.

Wat is de "kroon van het leven" die Christus belooft?

In Openbaring 2:10 belooft Christus aan wie trouw blijft tot in de dood "de kroon van het leven". Het Griekse stephanos slaat op de erekrans die sportwinnaars en stadshoofden in de oudheid ontvingen. Smirna stond bekend om haar stedelijke schoonheid en haar atleten. Christus belooft een blijvende krans die geen mens zal kunnen geven of afnemen: het eeuwige leven zelf, uitgereikt door de Opgestane. Jakobus 1:12 noemt dezelfde belofte aan wie de verzoeking verdraagt.

Wat is de "tweede dood" waarvan Smirna bewaard blijft?

Openbaring 2:11 spreekt van "de tweede dood" waarvan wie overwint geen schade zal ondervinden. Later verklaart Openbaring dat de tweede dood de "poel van vuur" is, de eeuwige scheiding van God (Openbaring 20:14, 21:8). De eerste dood — lichamelijk sterven — kan de gelovige treffen, maar de tweede dood, de eeuwige, raakt hem niet. Voor martelaren die met de brandstapel bedreigd werden was dit de diepste troost: het ergste dat de wereld hun kon aandoen kon hun eigenlijke leven niet raken.

Waarom krijgt Smirna geen enkel verwijt van Christus?

Samen met de gemeente van Filadelfia is Smirna de enige van de zeven gemeenten uit Openbaring die van Christus geen enkel verwijt ontvangt. Dit hangt samen met haar situatie: een arme, vervolgde gemeente was minder vatbaar voor lauwheid, compromis met afgoderij of geestelijk zelfbedrog dan rijkere gemeenten als Laodicea of Sardis. Het lijden werkte een bijzondere zuiverheid. Tegelijk toont dit Christus' mildheid: Hij maakt geen verwijt waar geen verwijt op zijn plaats is, maar bemoedigt en belooft.

Gerelateerde plaatsen

Bijbelse personen verbonden aan Smirna

Leer meer over Smirna met AI BijbelAssistent

Wil je dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Smirna? Onze AI-assistent helpt je verder.

Verdiep u verder