Zefanja 2, ook wel gespeld als Sefanja 2, is het middendeel van het boek Zefanja. Na het aangekondigde oordeel over Juda in hoofdstuk 1 volgt hier eerst een oproep aan het eigen volk om tot inkeer te komen (vers 1-3), en daarna het oordeel over de omringende volken: de Filistijnse steden (vers 4-7), Moab en Ammon (vers 8-11), de Moren (vers 12) en Assur met zijn hoofdstad Nineve (vers 13-15). Het scharniervers is vers 3: "Zoekt den HEERE, alle gij zachtmoedigen des lands, die Zijn recht werken! Zoekt gerechtigheid, zoekt zachtmoedigheid."
Wie was de profeet Zefanja (Sefanja)?
Het boek noemt zijn afkomst uitgebreider dan de meeste profetenboeken: "Het woord des HEEREN, hetwelk geschied is tot Zefanja, den zoon van Cuschi, den zoon van Gedalja, den zoon van Amarja, den zoon van Hizkia; in de dagen van Josia, den zoon van Amon, den koning van Juda" (Zefanja 1:1). Vier geslachten worden genoemd, wat ongebruikelijk is; sommige uitleggers verbinden de laatste naam, Hizkia, met de gelijknamige koning van Juda.
Zefanja profeteerde dus onder koning Josia, in dezelfde periode waarin Josia de tempeldienst herstelde. Dat verklaart de toon van hoofdstuk 2: er is nog tijd om terug te keren, maar niet veel. De naam wordt in het Nederlands zowel Zefanja als Sefanja gespeld. Op deze site staat het boek onder Sefanja, terwijl de Statenvertaling Zefanja schrijft; het gaat om hetzelfde profetenboek van drie hoofdstukken.
Inleiding tot Zefanja 2
Zefanja hoofdstuk 2 vormt het hart van de boodschap van de profeet over Gods oordeel. Na het aangekondigde oordeel over Juda in hoofdstuk 1, richt Zefanja zich nu op de omringende heidense naties. Het hoofdstuk toont zowel Gods gerechtigheid tegenover trots en zonde als Zijn genade voor degenen die nederig naar Hem zoeken.