Inleiding tot 1 Korinthe 7
In 1 Korinthe 7 behandelt de apostel Paulus belangrijke vragen over het huwelijk, celibaat, echtscheiding en verschillende levensstaten. Dit hoofdstuk vormt Paulus' antwoord op concrete vragen die de Korinthische gemeente hem had gesteld over het christelijke leven en relaties.
Huwelijk versus Celibaat (verzen 1-9)
Paulus begint met de uitspraak dat het "goed is voor een man geen vrouw aan te raken" (vers 1). Dit betekent echter niet dat het huwelijk slecht is. Paulus erkent dat celibaat een bijzondere gave is, maar benadrukt dat het huwelijk de normale weg is voor de meeste mensen.
De apostel geeft praktisch advies: vanwege de ontucht is het beter dat ieder zijn eigen echtgenoot of echtgenote heeft (vers 2). Hij benadrukt de wederzijdse verantwoordelijkheden in het huwelijk - beide partners hebben rechten en plichten jegens elkaar (verzen 3-4).
Voor ongehuwden en weduwen geldt: als zij niet kunnen leven in onthouding, laat hen dan trouwen, "want het is beter te trouwen dan van begeerte te branden" (vers 9).
Echtscheiding en Gemengde Huwelijken (verzen 10-16)
Paulus maakt een duidelijk onderscheid tussen Gods gebod en zijn eigen advies. Het gebod van Christus is helder: echtgenoten mogen niet scheiden (vers 10). Als er toch scheiding plaatsvindt, moet de vrouw ongetrouwd blijven of zich weer met haar man verzoenen.