De stam Juda ontvangt haar erfdeel in het zuiden
Bij de verdeling van het beloofde land krijgt de stam Juda het grote zuidelijke bergland als erfdeel, met Hebron, Jeruzalem (in overlap met Benjamin) en de woestijn van Judea.
Judea is de Griekse en Latijnse vorm van het Hebreeuwse Yehuda, "Juda", dat betekent "God zij geloofd" of "lof". De naam gaat terug op Juda, de vierde zoon van Jakob (Genesis 29:35). Eerst werd zijn stam Juda genoemd, dan het zuidelijke koninkrijk Juda, en in de Persische en Romeinse periode ging de naam Yehud / Judea fungeren als aanduiding voor de hele regio rondom Jeruzalem.
Judea is de bergachtige regio in het zuiden van het Heilige Land waarvan Jeruzalem de hoofdstad is. Wat in het Oude Testament de stam en het koninkrijk Juda heette, werd na de ballingschap en in de Romeinse tijd de provincie Judea — de regio waar Jezus geboren werd en gekruisigd.
Ook bekend als: Juda, Judaea, Provincia Iudaea, land van Juda
Judea omvat het bergland ten westen van de Dode Zee en de Jordaan, met Jeruzalem als hoogste en centrale stad. In het westen loopt het gebergte af naar de Shefela (het heuvelland) en de kustvlakte, in het zuiden gaat het over in de Negev-woestijn, en in het oosten duikt het steil omlaag naar de woestijn van Judea en de Dode Zee. Belangrijke steden binnen Judea zijn Jeruzalem, Bethlehem, Hebron, Jericho en Betsur.
Judea bestaat in moderne termen uit de zuidelijke helft van de Westelijke Jordaanoever en delen van het huidige Israel rond Jeruzalem. Politiek gesproken is het gebied verdeeld over Israelisch en Palestijns bestuur. Jeruzalem blijft het geografische en religieuze hart. De naam "Judea" komt nog steeds terug in de term "Judea en Samaria" voor de Westelijke Jordaanoever.
Bij de verdeling van het beloofde land krijgt de stam Juda het grote zuidelijke bergland als erfdeel, met Hebron, Jeruzalem (in overlap met Benjamin) en de woestijn van Judea.
Na de dood van Salomo scheurt het verenigde koninkrijk. Alleen de stam Juda (met Benjamin) blijft trouw aan Rehabeam, de zoon van Salomo, en vormt het koninkrijk Juda.
Wanneer Sanherib Juda dreigt te verwoesten, bidt koning Hizkia tot de HEERE, en een engel slaat in een nacht 185.000 Assyriers. Juda wordt gespaard.
In 586 voor Christus verwoesten de Babyloniers onder Nebukadnessar Jeruzalem en de tempel en voeren de inwoners van Juda in ballingschap.
Koning Cyrus van Perzie geeft de Joden toestemming om terug te keren naar Juda en de tempel in Jeruzalem te herbouwen. Zerubbabel, Ezra en Nehemia leiden de herbouw.
Jezus wordt geboren in Bethlehem in Judea, in vervulling van Micha 5:1, tijdens de regering van koning Herodes. Wijzen uit het oosten komen Hem hulde brengen.
Johannes de Doper treedt op in de woestijn van Judea, roept op tot bekering en doopt mensen in de Jordaan. Zijn roep klinkt door heel Judea en Jeruzalem.
Jezus belooft Zijn discipelen dat zij Zijn getuigen zullen zijn in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, en tot aan het uiterste der aarde. Na Pinksteren begint deze zending inderdaad vanuit Jeruzalem.
De volgende bijbelgedeelten helpen je om de rol van Judea in de Schrift beter te begrijpen.
Juda is de oudtestamentische naam voor zowel de stam als het zuidelijke koninkrijk na de scheuring onder Rehabeam. Judea is de Grieks-Romeinse vorm van dezelfde naam en duidt in de tijd van het Nieuwe Testament de provincie rond Jeruzalem aan. Het gaat dus om dezelfde regio, maar in verschillende historische periodes.
Judea is de bergachtige regio in het zuiden van het Heilige Land, met Jeruzalem als centrale stad. Het ligt tussen de Shefela en de kustvlakte in het westen, de Negev in het zuiden en de woestijn van Judea en de Dode Zee in het oosten. Belangrijke steden in Judea zijn Jeruzalem, Bethlehem, Hebron en Jericho.
De profeet Micha had voorzegd dat de Messias uit Bethlehem in Juda zou voortkomen (Micha 5:1). Jezus werd in Bethlehem in Judea geboren tijdens een volkstelling onder keizer Augustus (Lukas 2:1-7). Mattheus verbindt deze geboorte uitdrukkelijk met de profetie (Mattheus 2:5-6).
De woestijn van Judea is het droge, dor gebied dat zich uitstrekt ten oosten van de bergen van Judea, omlaag naar de Dode Zee. Johannes de Doper predikte hier (Mattheus 3:1) en Jezus werd er veertig dagen verzocht door de duivel (Mattheus 4:1). Later zouden ook vroege christelijke monniken zich in deze woestijn terugtrekken.
Judea was in de tijd van Jezus een Romeinse provincie. Vanaf het jaar 6 na Christus werd zij bestuurd door een Romeinse procurator of stadhouder. Pontius Pilatus (26-36 n.Chr.) is de bekendste, omdat hij Jezus ter dood veroordeelde. Formeel bleven er ook Joodse leiders actief, zoals de hogepriester en het Sanhedrin in Jeruzalem.
In Handelingen 1:8 zegt Jezus: "Gij zult Mijn getuigen zijn, zowel in Jeruzalem als in geheel Judea en Samaria en tot het uiterste der aarde." Judea vormt daarmee de tweede ring van zending, tussen de stad Jeruzalem en de wijdere wereld. Het evangelie moest vanuit Jeruzalem eerst heel Judea doortrekken voordat het verder naar Samaria en de heidenen ging.
Jeruzalem
Jeruzalem is vandaag de hoofdstad van de staat Israel en een heilige stad voor het Jodendom, het christendom en de islam
Bethlehem
Bethlehem ligt vandaag in de Westelijke Jordaanoever en staat onder Palestijns bestuur
Hebron
Hebron (Arabisch: Al-Khalil, "de vriend", verwijzend naar Abraham) is vandaag een stad op de Westelijke Jordaanoever met zo'n 200
Galilea
Galilea is vandaag een regio in het noorden van Israel
Wil je dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Judea? Onze AI-assistent helpt je verder.
Terug naar het overzicht van bijbelse plaatsen.
Ontdek wie er leefden in Judea.
Plaats Judea in de bijbelse geschiedenis.
Lees de bijbelgedeelten over Judea.
Uitleg bij bijbelgedeelten over Judea.
Verken thema's die verbonden zijn met Judea.