Inleiding tot Deuteronomium 10
Deuteronomium 10 vormt een belangrijk keerpunt in Moses' afscheidstoespraken aan het volk Israël. Na het beschrijven van de verbreking van de eerste stenen tafelen in hoofdstuk 9, laat dit hoofdstuk Gods genade zien door het maken van nieuwe tafelen. Het hoofdstuk eindigt met een hartstochtelijke oproep om God lief te hebben en te dienen.
De Nieuwe Stenen Tafelen (verzen 1-5)
Het hoofdstuk begint met Gods opdracht aan Mozes om nieuwe stenen tafelen te maken ter vervanging van de eerste die gebroken waren na het incident met het gouden kalf. Dit is een krachtig beeld van Gods bereidheid om opnieuw te beginnen na menselijk falen. De ark van het verbond wordt gemaakt om deze tafelen te bewaren, wat de heiligheid en het blijvende karakter van Gods wet benadrukt.
De woorden 'zoals de eerste' in vers 1 tonen aan dat God zijn verbond niet herroept, ondanks Israëls ontrouw. Dit is een fundamentele les over Gods karakter: Hij is een God van tweede kansen en blijvende genade.
Reis en Aaron's Dood (verzen 6-9)
Verzen 6-9 geven een kort overzicht van Israëls reis door de woestijn en vermelden de dood van Aaron, de hogepriester. Eleazar, zijn zoon, neemt zijn plaats in. Dit gedeelte benadrukt de continuïteit van Gods plan ondanks veranderingen in leiderschap.
De vermelding dat de Levieten 'geen deel noch erfdeel hebben' (vers 9) wijst op hun bijzondere roeping om God te dienen in plaats van land te bezitten. Hun erfgoed is de HEERE zelf.