Inleiding
Jozua 11 beschrijft een belangrijk keerpunt in de verovering van het Beloofde Land. Na de overwinningen in het zuiden, vormt zich een nieuwe, machtige coalitie in het noorden van Kanaän. Dit hoofdstuk toont hoe God zijn beloftes vervult en zijn volk tot een complete overwinning leidt.
De Noordelijke Coalitie (vers 1-5)
Koning Jabin van Hazor neemt het initiatief om een grote coalitie te vormen tegen Israël. Hazor was een belangrijke koninklijke stad in Noord-Kanaän, strategisch gelegen op handelsroutes. De coalitie omvatte koningen uit het bergland, de Jordaanvlakte, de kustvlakte en verschillende volkeren zoals Hettieten, Jebusieten, Amorieten, Kanaänieten, Ferezieten, Hevieten en Jebusieten.
De beschrijving van dit leger is indrukwekkend: 'zo talrijk als het zand aan de zeekust, met zeer veel paarden en strijdwagens' (vers 4). Dit benadrukt de menselijke onmogelijkheid van de situatie - Israël stond tegenover een overweldigende militaire macht.
God's Belofte van Overwinning (vers 6)
Niet Jozua, maar de HEERE neemt het initiatief. God spreekt tot Jozua: 'Wees niet bevreesd voor hen, want morgen omstreeks deze tijd geef Ik hen allen verslagen prijs aan Israël.' Deze belofte toont Gods soevereiniteit over de omstandigheden en zijn trouw aan zijn verbond met Israël.
God geeft ook specifieke instructies: de paarden kreupel maken en de strijdwagens verbranden. Dit verhinderde dat Israël zou vertrouwen op militaire macht in plaats van op God.