Inleiding tot Jesaja 27
Jesaja 27 vormt het slot van een groter gedeelte (hoofdstuk 24-27) dat vaak de 'Jesaja-apocalyps' wordt genoemd. Dit hoofdstuk biedt een krachtige boodschap van hoop en verlossing, waarin God Zijn uiteindelijke overwinning op het kwaad en Zijn trouw aan Israël proclameert.
Gods Overwinning op het Kwaad (vers 1)
Het hoofdstuk opent met een dramatische beschrijving van Gods komende oordeel: 'Te dien dage zal de HEERE met Zijn harde, grote en sterke zwaard bezoeken de Leviathan, de vliedende slang, en de Leviathan, de kronkelende slang, en Hij zal de draak doden, die in de zee is.'
De Leviathan en de draak zijn krachtige symbolen uit de oude Nabije Oosten die chaos, kwaad en vijandschap tegen God vertegenwoordigen. In verschillende culturen stonden zeedieren voor de krachten die zich tegen de schepping en orde keerden. Door deze beelden te gebruiken, toont Jesaja dat God absoluut soeverein is over alle vijandelijke machten.
De Wijngaard van de HEERE (vers 2-6)
In een opvallend contrast met het oordeelstafereel gebruikt God het tedervolle beeld van een wijngaard om Zijn relatie met Israël te beschrijven. 'Te dien dage zult gij haar toezingen: Een wijngaard van rode wijn! Ik, de HEERE, beware hem, Ik besproeie hem alle ogenblikken; opdat men tegen hem niet inbreke, zal Ik hem nacht en dag bewaren.'