Jezus als Apostel en Hogepriester (Hebreeen 3:1-6)
Hebreeen 3 begint met een krachtige oproep aan de 'heilige broeders en zusters' om hun blik te richten op Jezus Christus, die zowel apostel als hogepriester is. De schrijver gebruikt hier bewust de titel 'apostel' - gezondene - om te benadrukken dat Jezus door God de Vader gezonden is naar de wereld.
Vergelijking tussen Jezus en Mozes
De centrale boodschap van de eerste zes verzen is dat Jezus groter is dan Mozes. Voor de oorspronkelijke Hebreeuwse lezers was dit een revolutionaire gedachte, omdat Mozes de grootste profeet en wetgever in de Joodse traditie was. De schrijver erkent Mozes' trouwheid als dienaar in Gods huis, maar stelt dat Jezus als Zoon over het huis staat.
De vergelijking wordt gemaakt met een bouwer en zijn huis: Mozes was trouw als onderdeel van het huis, maar Jezus is degene die het huis gebouwd heeft. Dit illustreert dat hoewel Mozes een belangrijke rol speelde in Gods heilsplan, Jezus de architect en voltooier ervan is.
De Waarschuwing tegen Verharding (Hebreeen 3:7-19)
In de tweede helft van het hoofdstuk citeert de schrijver Psalm 95:7-11, die een waarschuwing bevat tegen het verharden van het hart. Deze passage verwijst naar de rebellie van de Israëlieten in de woestijn bij Massa en Meriba, waar zij God op de proef stelden ondanks alle wonderen die zij hadden gezien.