De tekst van Deuteronomium 18:13
Deuteronomium 18:13 luidt: "U moet volkomen zijn bij de HEERE, uw God." In de NBV staat: "Je moet onberispelijk zijn tegenover de HEERE, je God." Het Hebreeuwse woord voor 'volkomen' is tamiem (תמים), wat 'zonder gebrek', 'integer' of 'compleet' betekent.
Context in het hoofdstuk
Dit vers staat in een cruciaal hoofdstuk over Gods wil voor Israël aangaande occulte praktijken. In verzen 9-12 verbiedt God uitdrukkelijk waarzeggerij, tovenaars, spiritisten en necromantie. Vers 13 vormt de positieve tegenhanger van deze verboden: in plaats van te zoeken naar occulte kennis, moet Israël volkomen zijn in hun relatie met God.
Theologische betekenis
Het woord tamiem heeft een rijke betekenis in het Oude Testament. Het wordt gebruikt voor offerdierten die 'zonder gebrek' moeten zijn, en voor mensen die integer en oprecht leven. Hier betekent het niet morele perfectie, maar eerder een onverdeelde toewijding aan God.
Deze volkomenheid staat in contrast met de verdeelde loyaliteit van de heidenen, die zowel hun goden als occulte praktijken dienden. God vraagt van Zijn volk een ongedeeld hart dat Hem alleen vertrouwt.
Vervulling in Christus
Christenen zien in Christus de vervulling van deze volkomenheid. Jezus was werkelijk 'tamiem' - zonder zonde en volmaakt in Zijn toewijding aan de Vader. Door het geloof in Christus ontvangen gelovigen deze volkomenheid als een geschenk van genade.