De Tekst van Deuteronomium 15:12
"Wanneer een Hebreeër of een Hebreeuwse zich als knecht of dienstmaagd aan je verkocht heeft, moet je hem na zes jaar dienst vrijlaten." (NBV)
Woordstudie en Betekenis
Het Hebreeuwse woord voor 'Hebreeër' (עברי, Ivri) verwijst naar de leden van Gods volk. Het woord 'dienen' (עבד, avad) kan zowel gewone arbeid als slavernij aanduiden. Belangrijk is dat dit geen levenslange slavernij betreft, maar een tijdelijke dienstverhouding van maximaal zes jaar.
Het getal zes is significant in de Bijbelse sabbatscyclus. Net zoals er zes dagen gewerkt wordt gevolgd door een rustdag, zo wordt er zes jaar gediend gevolgd door vrijheid in het zevende jaar. Het woord 'vrijlaten' (חפשי, chafshi) betekent volledig vrij en onafhankelijk maken.
Context in Deuteronomium 15
Dit vers staat in een groter geheel van sociale wetgeving. Het hoofdstuk begint met het schuldenjaar (vers 1-11), waarin elke zeven jaar alle schulden kwijtgescholden moeten worden. Vers 12-18 behandelt de vrijlating van Hebreeuwse dienaars, gevolgd door regels over eerstgeborenen van vee.
Deze wetten vormden een revolutionair sociaal systeem dat armoede moest voorkomen en uitbuiting tegengaan. Ze weerspiegelen Gods hart voor sociale rechtvaardigheid en zijn zorg voor de kwetsbaren in de samenleving.