Het verhaal van Daniel 5: Het handschrift aan de muur
Daniel hoofdstuk 5 vertelt een van de meest dramatische verhalen uit het Oude Testament. Het gaat over koning Belsassar van Babylon, een groot feest, en een mysterieuze boodschap die het lot van een wereldrijk bezegelde.
Belsassars feest en heiligschennis (vers 1-4)
Het hoofdstuk begint met koning Belsassar die een luxueus banket organiseert voor duizend edelen. Tijdens dit feest maakt hij een fatale fout: hij laat de gouden en zilveren bekers halen die zijn vader Nebukadnezar uit de tempel in Jeruzalem had geroofd. Uit deze heilige voorwerpen drinken zij wijn terwijl zij hun goden van goud, zilver, brons, ijzer, hout en steen prijzen.
Deze daad was meer dan alleen dronkenschap - het was een bewuste heiligschennis en spot met de God van Israël. Belsassar toonde hiermee zijn totale gebrek aan respect voor de ware God.
Het mysterieuze handschrift (vers 5-9)
Toen verscheen er plots een menselijke hand die woorden schreef op de gekalkte muur van het koninklijk paleis. Deze bovennatuurlijke verschijning bracht grote angst teweeg. Belsassar werd bleek van schrik en zijn knieën knikten van angst.
De koning riep al zijn wijzen, waarzeggers en sterrenkundigen bijeen, maar niemand kon het handschrift lezen of uitleggen. Dit toont aan dat menselijke wijsheid tekortschiet wanneer God spreekt.