De tekst van 2 Koningen 23:19
2 Koningen 23:19 vermeldt: 'Ook alle tempels op de hoogten in de steden van Samaria, die de koningen van Israël hadden gebouwd om de HEER te tergen, ruimde Josia op. Hij deed met die tempels precies hetzelfde als hij in Betel had gedaan.'
Woordbetekenis en context
Dit vers beschrijft koning Josia's voortgaande religieuze hervormingen. Het Hebreeuwse woord 'bamot' (hoogten) verwijst naar verhoogde plaatsen waar offers werden gebracht, vaak in samenhang met afgodendienst. Deze hoogtempels waren oorspronkelijk Kanaänitische aanbiddingsplaatsen die door Israël waren overgenomen.
Het woord 'Samaria' verwijst hier naar het gebied van het voormalige noordelijke koninkrijk Israël, dat in 722 v.Chr. door Assyrië was veroverd. Josia breidde zijn hervormingen uit tot dit gebied, dat formeel onder Assyrische controle stond maar waar hij blijkbaar vrij kon opereren.
Josia's methodische aanpak
De zin 'Hij deed met die tempels precies hetzelfde als hij in Betel had gedaan' verwijst naar vers 15-16, waar beschreven wordt hoe Josia het altaar in Betel afbrak, verbrandde en tot stof vermalde. Deze systematische vernietiging toont Josia's vastberadenheid om alle sporen van syncretistische aanbidding weg te nemen.