Inleiding tot 2 Koningen 23
2 Koningen 23 vormt het hoogtepunt van koning Josia's regeringsperiode en beschrijft een van de meest ingrijpende religieuze hervormingen in de geschiedenis van Juda. Na de ontdekking van het wetboek in de tempel (hoofdstuk 22) zet Josia een grootschalige zuivering van het land in gang.
Josia's Verbond met God (23:1-3)
Het hoofdstuk begint met Josia die alle oudsten van Juda en Jeruzalem bijeenroept. Hij leest het verbondsboek voor in de tempel, ten overstaan van alle mensen - van groot tot klein. Deze publieke voorlezing onderstreept het belang dat Josia hecht aan Gods Woord als fundament voor het volk.
Josia sluit vervolgens een nieuw verbond met de HEERE, waarin hij belooft de geboden, voorschriften en inzettingen van harte na te leven. Het volk doet mee aan dit verbond, wat een moment van nationale geestelijke vernieuwing markeert.
Grootschalige Religieuze Zuivering (23:4-20)
Josia's hervormingen zijn radicaal en omvattend:
Verwijdering van Heidense Voorwerpen
- Alle voorwerpen gewijd aan Baäl, Asera en het hemelse heir worden verbrand
- De heidense priesters worden afgezet
- Paarden en wagens gewijd aan de zonnegod worden weggenomen
Vernietiging van Cultusplaatsen
- De hoogten rond Jeruzalem worden onrein gemaakt
- Het Tofet in het dal van Ben-Hinnom wordt vernietigd om kinderoffers te voorkomen
- Altaren op daken en in voorhoven worden afgebroken