Over deze studie
Deze bijbelstudie neemt u in acht sessies mee door alle 24 hoofdstukken van het Evangelie van Lukas. U begint bij de aankondigingen en de geboorte van Jezus, volgt Hem door Galilea en op Zijn lange reis naar Jeruzalem, en eindigt bij het kruis, het lege graf en de Emmaüsgangers. Onderweg ontmoet u de grote gelijkenissen die alleen Lukas heeft bewaard — de barmhartige Samaritaan, de verloren zoon, de farizeeër en de tollenaar — en ontdekt u de thema's die dit evangelie kleuren: gebed, de Heilige Geest, vreugde en Gods bijzondere zorg voor wie aan de rand staan. De studie is geschikt voor persoonlijke overdenking en groepsgesprek, en bevat observatie-, interpretatie- en toepassingsvragen die u helpen de tekst te begrijpen en toe te passen in uw dagelijks leven.
- Bijbelboek
- Lukas 1-24
- Sessies
- 8
- Duur
- 8 weken
- Per sessie
- ±44 minuten
Voor wie: Deze studie is geschikt voor wie het leven van Jezus grondig wil leren kennen en bereid is per week een ruimer bijbelgedeelte te lezen. Enige vertrouwdheid met de Bijbel is handig maar niet noodzakelijk: elke sessie geeft de nodige achtergrond. Ideaal voor persoonlijke stille tijd, huiskringen en bijbelstudiegroepen die een heel evangelie willen doorwerken.
Wat u leert in deze studie
- Begrijpen wie Lukas was, hoe hij als zorgvuldig historicus te werk ging en waarom hij voor Theofilus een geordend verslag schreef.
- Ontdekken hoe Jezus Zich in dit evangelie ontfermt over armen, vrouwen, zieken en buitenstaanders — en wat dat zegt over Gods hart.
- De grote gelijkenissen van Lukas (de barmhartige Samaritaan, de verloren zoon) leren lezen en toepassen in eigen relaties.
- Zicht krijgen op de plaats van gebed, de Heilige Geest en vreugde in het leven van Jezus en in uw eigen leven.
- De lijn van het hele evangelie kunnen navertellen: van de kribbe in Bethlehem tot het lege graf en de zegenende Heer bij de hemelvaart.
Wat hebt u nodig?
- Een Bijbel (bij voorkeur de Herziene Statenvertaling of NBV21)
- Een notitieboekje of dagboek om antwoorden en inzichten op te schrijven
- Een pen of potlood
- Optioneel: een studiekaart of inleiding op Lukas (beschikbaar op BijbelAssistent)
Overzicht van de sessies
- 1Een betrouwbaar verslag van grote blijdschapLukas 1:1-2:52 · ±45 minuten
- 2Gezalfd om aan armen het Evangelie te verkondigenLukas 3:1-4:44 · ±40 minuten
- 3Een Heer die zondaars roept en barmhartigheid leertLukas 5:1-6:49 · ±40 minuten
- 4Wie is toch Deze? Geloof, vergeving en de Christus van GodLukas 7:1-9:50 · ±45 minuten
- 5Onderweg naar Jeruzalem: de naaste, het ene nodige en het gebedLukas 9:51-11:54 · ±45 minuten
- 6Het verlorene gezocht: de vreugde van de VaderLukas 12:1-16:31 · ±45 minuten
- 7Gekomen om te zoeken en zalig te maken wat verloren isLukas 17:1-21:38 · ±45 minuten
- 8Het kruis, het lege graf en brandende hartenLukas 22:1-24:53 · ±45 minuten
Sessie 1 — Een betrouwbaar verslag van grote blijdschap
Lees Lukas 1:1-2:52±45 minuten
Wees niet bevreesd, want zie, ik verkondig u grote blijdschap, die voor heel het volk wezen zal. — Lukas 2:10 (HSV)
Lukas opent zijn evangelie met een formele proloog (1:1-4), zoals Griekse historici dat in zijn tijd deden. Hij vertelt dat hij alles van voren af aan nauwkeurig onderzocht heeft en een geordend verslag schrijft voor de hooggeachte Theofilus, zodat deze de zekerheid kent van wat hem geleerd is. Daarna volgen de aankondigingen van de geboorte van Johannes de Doper en van Jezus, de lofzangen van Maria en Zacharias, en het bekende kerstevangelie: de geboorte in Bethlehem, de herders in het veld en de oude Simeon en Anna in de tempel. Al op deze eerste bladzijden klinken de grote thema's van Lukas: vreugde, de Heilige Geest en Gods voorkeur voor kleine, onaanzienlijke mensen.
Zo leest u dit gedeelte
Lees de twee hoofdstukken in twee of drie gedeelten en neem er de tijd voor. Let in 1:1-4 op de woorden die Lukas gebruikt voor zijn werkwijze: onderzocht, nauwkeurig, geordend, zekerheid. Markeer vervolgens elke keer dat er sprake is van vreugde of blijdschap, en elke keer dat de Heilige Geest genoemd wordt. Vraag uzelf bij het lezen af: aan wat voor soort mensen vertrouwt God het eerste nieuws over Zijn Zoon toe?
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- Welke vier dingen zegt Lukas in 1:1-4 over zijn werkwijze en zijn doel? Wat wil hij dat Theofilus door dit boek ontvangt?
- Vergelijk de aankondiging aan Zacharias (1:11-20) met die aan Maria (1:26-38). Welke overeenkomsten en verschillen ziet u in hun reactie op de engel?
Interpretatie— Wat betekent het?
- In haar lofzang zingt Maria dat God machtigen van de troon stoot en nederigen verhoogt, hongerigen vervult en rijken leeg wegstuurt (1:51-53). Wat zegt deze omkering over de manier waarop God werkt?
- De geboorte van de Heiland wordt het eerst verkondigd aan herders (2:8-20), eenvoudige mensen zonder aanzien. Waarom zou God juist hen als eerste getuigen kiezen, en wat zegt dat over het evangelie?
- Simeon noemt Jezus "een licht om de heidenen te verlichten" (2:32). Hoe wijst dit vers al vooruit naar de boodschap van het hele evangelie: een Heiland voor alle mensen?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- Lukas deed grondig onderzoek zodat Theofilus zekerheid zou hebben (1:4). Hoe gaat u zelf om met vragen en twijfels over het geloof? Wat betekent het voor u dat het evangelie op zorgvuldig onderzochte getuigenissen rust?
- Maria antwoordt: "Zie, de dienares van de Heere, laat met mij geschieden overeenkomstig uw woord" (1:38). Op welk terrein van uw leven vraagt God op dit moment om zo'n overgave? Wat houdt u tegen?
- De herders keerden terug "terwijl zij God verheerlijkten en loofden" (2:20). Wanneer hebt u voor het laatst hardop uw vreugde over God gedeeld met anderen? Met wie zou u dat deze week kunnen doen?
Gebed bij deze sessie
Hemelse Vader, dank U dat het evangelie geen verzinsel is, maar een betrouwbaar verslag van wat U gedaan hebt. Dank U dat U Uw Zoon zond, niet eerst naar paleizen, maar naar een voerbak in Bethlehem en naar herders in het veld. Geef mij de ontvankelijkheid van Maria, de lofzang van Zacharias en de vreugde van de herders. Laat de grote blijdschap die de engel verkondigde ook mijn hart vervullen, en geef mij zekerheid over de dingen die mij geleerd zijn. In Jezus' naam. Amen.
Verder studeren: Lees 1 Samuel 2:1-10, de lofzang van Hanna. Vergelijk deze met de lofzang van Maria (Lukas 1:46-55). Welke thema's en formuleringen keren terug, en wat zegt dat over hoe Maria de Schriften kende?
Sessie 2 — Gezalfd om aan armen het Evangelie te verkondigen
Lees Lukas 3:1-4:44±40 minuten
De Geest van de Heere is op Mij, omdat Hij Mij gezalfd heeft; Hij heeft Mij gezonden om aan armen het Evangelie te verkondigen. — Lukas 4:18 (HSV)
Na dertig stille jaren begint de openbare bediening van Jezus. Lukas dateert het optreden van Johannes de Doper nauwkeurig aan de hand van keizers en stadhouders (3:1-2) — opnieuw de historicus aan het woord. Johannes roept op tot bekering, Jezus wordt gedoopt en de Heilige Geest daalt op Hem neer. Na de verzoeking in de woestijn houdt Jezus in de synagoge van Nazareth Zijn programmatische rede: Hij leest uit Jesaja en verklaart dat de belofte van de gezalfde Bevrijder vandaag in Hem vervuld is. De reactie van Zijn stadgenoten slaat om van bewondering naar woede wanneer Hij eraan herinnert dat God in het verleden juist buitenstaanders genadig was.
Zo leest u dit gedeelte
Let in hoofdstuk 3 op de concrete antwoorden die Johannes geeft aan de menigte, de tollenaars en de soldaten (3:10-14): bekering is bij Lukas altijd praktisch. Lees de verzoeking in de woestijn (4:1-13) langzaam en let op hoe Jezus elke keer antwoordt met de Schrift. Neem bij de synagogerede (4:16-30) deze vraag mee: voor wie zegt Jezus gekomen te zijn, en waarom wordt men daar zo boos over?
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- Welke concrete opdrachten geeft Johannes de Doper aan de menigte, de tollenaars en de soldaten (3:10-14)? Wat hebben deze opdrachten met elkaar gemeen?
- Wat gebeurt er bij de doop van Jezus volgens 3:21-22? Let op het detail dat Lukas als enige noemt: wat deed Jezus toen de hemel geopend werd?
Interpretatie— Wat betekent het?
- Jezus weerstaat elke verzoeking met een woord uit de Schrift (4:1-13). Wat leert dit over de plaats van Gods Woord in de geestelijke strijd — en over het verschil tussen de Schrift gebruiken en misbruiken, zoals de duivel doet in vers 10-11?
- In Nazareth leest Jezus Jesaja 61 en zegt: "Heden is deze Schrift in uw oren in vervulling gegaan" (4:21). Wat claimt Hij daarmee over Zichzelf, en voor welke groepen mensen is Zijn zending volgens vers 18-19 in het bijzonder bedoeld?
- De stemming in Nazareth slaat om wanneer Jezus de weduwe van Zarfath en de Syriër Naäman noemt (4:25-29) — twee heidenen die Gods genade ontvingen. Waarom roept dit zoveel woede op, en herkent u die reactie ook in onze tijd?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- Johannes vraagt geen spectaculaire offers, maar eerlijkheid en delen: wie twee stel kleren heeft, geeft er een weg (3:11). Hoe zou "vrucht die bij de bekering past" er deze week in uw leven concreet uitzien?
- Jezus is gezalfd om aan armen het Evangelie te verkondigen en gebrokenen vrij te laten (4:18). Wie zijn in uw omgeving de armen, gebondenen of gebrokenen — en welke kleine stap kunt u zetten om Zijn goede nieuws bij hen te brengen?
Gebed bij deze sessie
Here Jezus, U bent gezalfd met de Heilige Geest om aan armen het Evangelie te verkondigen en gebrokenen vrijheid te geven. Dank U dat Uw goede nieuws ook mij geldt, in mijn eigen armoede en gebondenheid. Leer mij, net als U, de verzoeking te weerstaan met het Woord van God. Bewaar mij ervoor dat ik boos word wanneer Uw genade verder reikt dan mijn eigen kring, en maak mij juist blij met ieder mens die U vindt. Vervul mij met Uw Geest, zodat mijn bekering zichtbaar wordt in eerlijkheid en in delen. Amen.
Verder studeren: Lees Jesaja 61:1-3, de profetie die Jezus in Nazareth voorlas. Let op waar Jezus stopte met lezen (vergelijk Lukas 4:19 met Jesaja 61:2). Wat zegt het dat Hij ophield voor "de dag van de wraak van onze God"?
Sessie 3 — Een Heer die zondaars roept en barmhartigheid leert
Lees Lukas 5:1-6:49±40 minuten
Wees dan barmhartig, zoals ook uw Vader barmhartig is. — Lukas 6:36 (HSV)
In deze hoofdstukken verzamelt Jezus Zijn eerste discipelen en wordt zichtbaar wat voor Meester Hij is. Hij roept de visser Simon Petrus na een wonderbare visvangst, raakt een melaatse aan, vergeeft de zonden van een verlamde en roept de tollenaar Levi — om vervolgens bij hem aan tafel te gaan met "veel tollenaars en anderen". Op de kritiek van de farizeeën antwoordt Hij: "Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen tot bekering te roepen, maar zondaars" (5:32). Na een nacht van gebed kiest Jezus twaalf apostelen en houdt Hij de zogeheten veldrede (6:17-49), waarin Hij Zijn leerlingen een leven van barmhartigheid, vijandsliefde en gehoorzaamheid voorhoudt.
Zo leest u dit gedeelte
Let bij het lezen op de mensen die Jezus opzoekt en aanraakt: een melaatse, een verlamde, een tollenaar. Vraag u bij elke ontmoeting af: wat doet Jezus hier dat anderen niet zouden durven of willen? Merk op dat Lukas tweemaal vermeldt dat Jezus Zich terugtrok om te bidden (5:16; 6:12). Lees de veldrede (6:20-49) langzaam en noteer welke uitspraak u het meest raakt of het meest schuurt.
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- Hoe reageert Simon Petrus op de wonderbare visvangst (5:8-11)? Wat zegt zijn uitroep "ga weg van mij, want ik ben een zondig mens" over wat hij in Jezus herkent?
- Wat doet Jezus eerst bij de verlamde die door het dak wordt neergelaten, en wat daarna (5:20-25)? Welk bezwaar maken de schriftgeleerden, en hoe beantwoordt Jezus dat?
Interpretatie— Wat betekent het?
- Jezus zegt: "Zij die gezond zijn, hebben geen dokter nodig, maar zij die ziek zijn" (5:31-32). Wat bedoelt Hij daarmee, en waarom is dit zowel een troost als een waarschuwing — afhankelijk van hoe u uzelf ziet?
- Lukas vermeldt dat Jezus de nacht doorbracht in gebed voordat Hij de twaalf apostelen koos (6:12-13). Wat leert dit over de plaats van gebed bij belangrijke beslissingen, bij Jezus en bij ons?
- In de veldrede prijst Jezus armen, hongerigen en huilenden zalig en spreekt Hij een "wee" uit over rijken en verzadigden (6:20-26). Hoe verhoudt zich dit tot Maria's lofzang uit sessie 1, en wat zegt het over de waarden van Gods Koninkrijk?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- "Heb uw vijanden lief; doe goed aan hen die u haten" (6:27). Aan wie moet u denken bij deze woorden? Wat zou een eerste, haalbare stap van liefde of gebed voor die persoon kunnen zijn?
- Jezus vraagt waarom wij de splinter in het oog van de ander zien, maar de balk in ons eigen oog niet opmerken (6:41-42). Over wie oordeelt u het snelst? Wat zou er veranderen als u eerst naar uzelf zou kijken?
- De veldrede eindigt met het beeld van twee huizen: op de rots en op de aarde zonder fundament (6:46-49). Het verschil zit niet in het horen, maar in het doen. Welk woord van Jezus uit deze sessie wilt u deze week concreet gaan doen?
Gebed bij deze sessie
Here Jezus, U bent de Dokter die niet wegloopt voor zieken en zondaars, maar hen opzoekt en aanraakt. Dank U dat U ook mij geroepen hebt, niet omdat ik gezond was, maar omdat ik U nodig heb. Leer mij barmhartig te zijn zoals de Vader barmhartig is: niet oordelend, maar gevend en vergevend. Geef mij de moed om mijn vijanden lief te hebben en eerst de balk uit mijn eigen oog te halen. En laat mij Uw woorden niet alleen horen, maar bouwen op de rots door ze te doen. Amen.
Verder studeren: Vergelijk de veldrede (Lukas 6:20-49) met de Bergrede in Mattheüs 5-7. Welke accenten legt Lukas die bij Mattheüs minder opvallen, bijvoorbeeld rond armoede en rijkdom? Wat zegt dat over de boodschap van Lukas?
Sessie 4 — Wie is toch Deze? Geloof, vergeving en de Christus van God
Lees Lukas 7:1-9:50±45 minuten
Hij zei tegen hen: Maar u, wie zegt u dat Ik ben? Petrus antwoordde en zei: De Christus van God. — Lukas 9:20 (HSV)
Deze hoofdstukken draaien om de vraag die ook de discipelen zich stellen: "Wie is toch Deze?" (8:25). Jezus geneest de knecht van een heidense hoofdman, wekt de zoon van de weduwe van Naïn op en laat een zondige vrouw aan Zijn voeten huilen en vergeeft haar. Lukas vermeldt als enige dat een groep vrouwen — Maria Magdalena, Johanna, Susanna en vele anderen — Jezus volgde en uit eigen middelen diende (8:1-3): een opvallend gegeven in die tijd. Jezus stilt de storm, geneest een bezetene en het dochtertje van Jaïrus, en zendt de twaalf uit. Het gedeelte mondt uit in de belijdenis van Petrus, de eerste lijdensaankondiging en de verheerlijking op de berg — opnieuw terwijl Jezus bidt.
Zo leest u dit gedeelte
Lees dit langere gedeelte verspreid over meerdere momenten in de week. Houd de vraag "Wie is toch Deze?" als rode draad vast en noteer bij elk verhaal wat het antwoord op die vraag aanvult. Let speciaal op de buitenstaanders die geloven: de heidense hoofdman, de zondige vrouw, de vrouwen die Jezus dienen. Markeer in 9:18-36 hoe belijdenis, lijdensaankondiging en verheerlijking direct op elkaar volgen.
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- Wat zegt de hoofdman in 7:6-8 over zichzelf en over het gezag van Jezus? Waarom verwondert Jezus Zich over hem, en wat zegt Hij over zijn geloof (7:9)?
- Welke vrouwen noemt Lukas in 8:1-3 en wat deden zij voor Jezus en de twaalf? Waarom is het opmerkelijk dat Lukas hen met naam en toenaam vermeldt?
Interpretatie— Wat betekent het?
- Bij de zondige vrouw in het huis van Simon vertelt Jezus de gelijkenis van de twee schuldenaars (7:41-47). Wat is het verband tussen veel vergeven krijgen en veel liefhebben? Wat ontbreekt er bij Simon?
- In de gelijkenis van de zaaier (8:4-15) valt hetzelfde zaad op vier soorten grond. Wat onderscheidt de goede aarde van de andere drie? Wat betekent het dat de vrucht komt door het Woord "vast te houden in een oprecht en goed hart"?
- Direct na Petrus' belijdenis "de Christus van God" kondigt Jezus Zijn lijden aan en zegt Hij: "Als iemand achter Mij wil komen, moet hij zichzelf verloochenen, zijn kruis dagelijks opnemen en Mij volgen" (9:23). Waarom horen de Christus belijden en het kruis dragen onlosmakelijk bij elkaar?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- De vrouwen van 8:1-3 dienden Jezus heel praktisch, met hun bezittingen. Welke middelen — tijd, geld, gaven, gastvrijheid — hebt u ontvangen die u in dienst van Jezus en Zijn gemeente kunt stellen?
- Jezus stelt de vraag persoonlijk: "Maar u, wie zegt u dat Ik ben?" (9:20). Hoe zou u die vraag vandaag in uw eigen woorden beantwoorden? Merkt iemand in uw omgeving aan uw leven wat uw antwoord is?
- Zijn kruis "dagelijks" opnemen (9:23) klinkt groot, maar begint klein. Wat betekent zelfverloochening deze week concreet voor u — in uw agenda, uw geld, uw reacties op anderen?
Gebed bij deze sessie
Here Jezus, de wind en het water gehoorzamen U, zonden vergeeft U, doden wekt U op — wie is toch zoals U? Met Petrus belijd ik: U bent de Christus van God. Dank U dat U Zich niet schaamde voor een heidense hoofdman, een huilende zondares en dienende vrouwen, en dat U Zich ook over mij ontfermt. Geef dat Uw Woord in mij valt als zaad in goede aarde, en dat ik het vasthoud in een oprecht hart. Leer mij dagelijks mijn kruis op te nemen en U te volgen, ook als de weg omlaag lijkt te gaan. Amen.
Verder studeren: Lees 1 Koningen 17:17-24, waar Elia de zoon van de weduwe van Zarfath opwekt, en vergelijk dit met Lukas 7:11-17. Waarom roept de menigte "een groot Profeet is onder ons opgestaan"? Wat maakt Jezus toch meer dan een profeet?
Sessie 5 — Onderweg naar Jeruzalem: de naaste, het ene nodige en het gebed
Lees Lukas 9:51-11:54±45 minuten
En Ik zeg u: Bid, en u zal gegeven worden; zoek, en u zult vinden; klop, en er zal voor u opengedaan worden. — Lukas 11:9 (HSV)
Met 9:51 begint het grote reisverslag van Lukas: "het geschiedde, toen de dagen van Zijn opneming vervuld werden, dat Hij Zijn aangezicht naar Jeruzalem keerde om daarheen te reizen." Tien hoofdstukken lang is Jezus onderweg naar het kruis, en juist op deze reis vinden we het onderwijs dat alleen Lukas heeft bewaard. In dit gedeelte: de uitzending van de zeventig die met vreugde terugkeren, de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan, het bezoek aan Martha en Maria, en het onderwijs over gebed — het Onze Vader en de aanmoediging om vrijmoedig te blijven bidden tot de Vader, die de Heilige Geest geeft aan wie Hem daarom vragen.
Zo leest u dit gedeelte
Let in 9:51-62 op de vastberadenheid van Jezus en op wat het kost om Hem te volgen. Lees de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan (10:25-37) tweemaal: eerst door de ogen van de wetgeleerde, dan door de ogen van de gewonde man langs de weg. Merk op hoe Jezus de vraag "wie is mijn naaste?" omkeert. Neem bij 11:1-13 deze vraag mee: wat leert Jezus hier over de Vader tot wie wij bidden?
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- De wetgeleerde vraagt: "Wie is mijn naaste?" (10:29). Welke vraag stelt Jezus aan het eind van de gelijkenis terug (10:36), en waarom is dat een wezenlijk andere vraag?
- Welke concrete handelingen verricht de Samaritaan voor de gewonde man (10:33-35)? Wat kost zijn barmhartigheid hem aan tijd, geld en risico?
Interpretatie— Wat betekent het?
- Juist een Samaritaan — voor Joden een verachte buitenstaander — is in deze gelijkenis de held, terwijl priester en Leviet voorbijgaan. Wat wil Jezus hiermee zeggen tegen mensen die zichzelf als vroom beschouwen?
- Tegen de bezorgde Martha zegt Jezus dat Maria, die aan Zijn voeten luistert, "het goede deel" heeft gekozen (10:38-42). Veroordeelt Jezus hiermee het dienen? Wat is dan wel het "ene nodige"?
- In 11:11-13 redeneert Jezus van het mindere naar het meerdere: als slechte vaders al goede gaven geven, hoeveel te meer zal de hemelse Vader "de Heilige Geest geven aan hen die tot Hem bidden". Wat zegt deze belofte over wat we vooral van God mogen vragen?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- Jezus zegt tegen de wetgeleerde: "Ga heen en doet u evenzo" (10:37). Wie ligt er — figuurlijk — langs uw weg: iemand die u gemakkelijk voorbijloopt? Welke concrete barmhartigheid kunt u deze week bewijzen?
- Herkent u zichzelf meer in Martha of in Maria? Hoe kunt u in een volle week een vast moment kiezen om, zoals Maria, eerst aan de voeten van Jezus te luisteren?
- De discipelen vroegen: "Heere, leer ons bidden" (11:1). Bid deze week elke dag bewust het Onze Vader, regel voor regel en in uw eigen woorden. Welke bede vindt u het moeilijkst om echt te menen?
Gebed bij deze sessie
Vader in de hemel, Uw Naam worde geheiligd, Uw Koninkrijk kome. Dank U dat Uw Zoon vastberaden naar Jeruzalem ging, om daar voor mij Zijn leven te geven. Maak mij tot een naaste voor wie op mijn weg ligt: geef mij ogen die niet wegkijken en handen die helpen, ook als het mij iets kost. Leer mij het goede deel te kiezen en eerst aan Jezus' voeten te luisteren voordat ik aan het werk ga. En leer mij bidden: volhardend, vrijmoedig en vol verwachting, want U geeft de Heilige Geest aan wie U daarom vragen. Amen.
Verder studeren: Vergelijk het Onze Vader in Lukas 11:2-4 met de versie in Mattheüs 6:9-13. Welke verschillen ziet u? Lees daarna Lukas 18:1-8, de gelijkenis van de onrechtvaardige rechter, als verdieping van het thema volhardend gebed.
Sessie 6 — Het verlorene gezocht: de vreugde van de Vader
Lees Lukas 12:1-16:31±45 minuten
Toen hij nog ver van hem verwijderd was, zag zijn vader hem en deze was met innerlijke ontferming bewogen en hij snelde hem tegemoet, viel hem om de hals en kuste hem. — Lukas 15:20 (HSV)
In dit deel van het reisverslag onderwijst Jezus over bezit, bezorgdheid en waakzaamheid: de gelijkenis van de rijke dwaas die schuren bouwt maar die nacht moet sterven, en de oproep om een schat in de hemel te verzamelen. Het hart van het gedeelte — en misschien wel van het hele evangelie — is hoofdstuk 15. Omdat farizeeën morren dat Jezus zondaars ontvangt en met hen eet, vertelt Hij drie gelijkenissen over verloren dingen die gevonden worden: het verloren schaap, de verloren penning en de verloren zoon. Drie keer klinkt hetzelfde refrein: vreugde, blijdschap, feest. Hoofdstuk 16 houdt ons met de rijke man en de arme Lazarus een ernstige spiegel voor over wat we met ons bezit doen.
Zo leest u dit gedeelte
Lees dit gedeelte over meerdere dagen verdeeld. Let in hoofdstuk 12 op hoe vaak het over bezit, zorgen en de toekomst gaat. Lees hoofdstuk 15 in een keer en als geheel: let op de aanleiding in vers 1-2 en op het terugkerende woord "vreugde". Bij de verloren zoon: lees de gelijkenis een keer met het oog op de jongste zoon en een keer met het oog op de oudste — en vraag u af voor wie van de twee Jezus haar eigenlijk vertelt.
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- Wat is de aanleiding voor de drie gelijkenissen van Lukas 15 (vers 1-2)? Wie morren er, en waarover precies?
- Welke stappen zet de jongste zoon van vertrek tot terugkeer (15:12-20)? Op welk moment "kwam hij tot zichzelf", en wat was hij van plan tegen zijn vader te zeggen?
Interpretatie— Wat betekent het?
- God noemt de rijke boer een "dwaas" (12:20) — niet omdat hij rijk was, maar waarom dan wel? Wat betekent het om "rijk te zijn in God" (12:21)?
- De vader ziet zijn zoon al van verre, rent hem tegemoet en laat hem zijn ingestudeerde schuldbelijdenis niet eens afmaken (15:20-24). Wat zegt dit beeld over hoe God zondaars ontvangt die naar Hem terugkeren?
- De gelijkenis eindigt open: de oudste zoon staat buiten en wij horen niet of hij binnenkomt (15:25-32). Waarom laat Jezus het einde open, en wat heeft de oudste zoon met de morrende farizeeën uit vers 2 te maken?
- In de gelijkenis van de rijke man en Lazarus (16:19-31) zegt Abraham: "Als zij niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen zij zich ook niet laten overtuigen als iemand uit de doden zou opstaan." Wat zegt dit over de kracht van Gods Woord — en over de hardheid van het menselijk hart?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- Jezus zegt: "Wees niet bezorgd over uw leven" en wijst op de raven en de lelies (12:22-31). Welke zorg over geld, werk of toekomst draagt u op dit moment? Wat zou het betekenen om die zorg in te ruilen voor het zoeken van Gods Koninkrijk?
- Herkent u in uzelf de jongste zoon (weggelopen, terugverlangend) of de oudste (braaf maar verbitterd, zonder vreugde)? Wat zou voor u de eerste stap naar het feest van de Vader zijn — en is er iemand over wie u zich met de Vader zou mogen leren verblijden?
Gebed bij deze sessie
Barmhartige Vader, dank U dat U een God bent die het verlorene zoekt: het ene schaap, de ene penning, de ene zoon. Dank U dat U mij al van verre ziet en mij tegemoet snelt, terwijl ik nog onderweg ben met mijn schuldbelijdenis. Vergeef mij waar ik wegliep als de jongste zoon, en vergeef mij waar ik buiten bleef staan als de oudste. Maak mij rijk in U, en bevrijd mij van bezorgdheid over bezit en morgen. Geef mij Uw vreugde over elke zondaar die zich bekeert — te beginnen bij mijzelf. In Jezus' naam. Amen.
Verder studeren: Lees Ezechiël 34:11-16, waar God Zelf belooft Zijn schapen te zoeken. Hoe vervult Jezus deze belofte in Lukas 15:3-7? Lees ook Lukas 12:32: wat zegt het dat het de Vader "behaagd heeft" u het Koninkrijk te geven?
Sessie 7 — Gekomen om te zoeken en zalig te maken wat verloren is
Lees Lukas 17:1-21:38±45 minuten
Want de Zoon des mensen is gekomen om te zoeken en zalig te maken wat verloren is. — Lukas 19:10 (HSV)
De reis nadert haar doel. Onderweg geneest Jezus tien melaatsen, van wie alleen een Samaritaan terugkeert om God te danken. Hij vertelt de gelijkenis van de farizeeër en de tollenaar — een waarschuwing voor wie van zichzelf overtuigd is dat hij rechtvaardig is — en zegent de kinderen die men bij Hem brengt. In Jericho vindt Hij Zacheüs, een rijke oppertollenaar, en nodigt Zichzelf bij hem uit; het huis van een zondaar wordt een huis van redding. Dan trekt Jezus Jeruzalem binnen, huilend over de stad die niet wist wat tot haar vrede dient. Hij reinigt de tempel, onderwijst er dagelijks, prijst het penninkje van de arme weduwe en spreekt over de verwoesting van de tempel en Zijn wederkomst.
Zo leest u dit gedeelte
Let in deze hoofdstukken op de tegenstelling tussen mensen die zichzelf rechtvaardig vinden en mensen die om genade roepen: de farizeeër en de tollenaar, de rijke jongeling en de blinde bedelaar, de menigte die moppert en Zacheüs die zich bekeert. Houd bij het lezen van 19:28-44 voor ogen dat de koning die wordt toegejuicht, tegelijk over de stad weent. Neem deze vraag mee: wat zoekt Jezus bij mensen — prestaties of ontvankelijkheid?
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- Van de tien genezen melaatsen keert er een terug om God te verheerlijken, "en dat was een Samaritaan" (17:15-16). Welke drie vragen stelt Jezus daarop (17:17-18), en wat zegt Hij tegen de man die terugkwam?
- Vergelijk het gebed van de farizeeër met dat van de tollenaar (18:11-13). Waar staat ieder, hoe bidt hij, en over wie gaat zijn gebed eigenlijk?
Interpretatie— Wat betekent het?
- Jezus besluit: "Deze man ging gerechtvaardigd terug naar zijn huis, in tegenstelling tot die andere" (18:14). Wat betekent "gerechtvaardigd" hier, en waarom ontvangt juist de tollenaar het en de farizeeër niet?
- Zacheüs belooft de helft van zijn goederen aan de armen te geven en viervoudig te vergoeden wie hij afgeperst heeft (19:8). Is dit de oorzaak of het gevolg van zijn redding? Wat leert dit over de verhouding tussen genade en bekering?
- Lukas 19:10 vat de zending van Jezus samen: zoeken en zalig maken wat verloren is. Hoe hebt u dit motief in de vorige sessies al zien terugkomen, en waarom is het passend dat het hier, vlak voor Jeruzalem, wordt uitgesproken?
- Jezus prijst de arme weduwe die twee kleine muntjes in de schatkist werpt boven de rijken met hun grote gaven (21:1-4). Hoe meet God blijkbaar de waarde van een gave — en wat zegt dat over Zijn manier van kijken naar mensen?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- Negen genezen mannen gingen door met hun leven; een keerde terug om te danken. Hoe staat het met uw dankbaarheid? Noem drie concrete zegeningen van de afgelopen maand en dank God er vandaag hardop voor.
- Zacheüs' bekering werd zichtbaar in zijn portemonnee. Als Jezus vandaag bij u "in huis" komt, wat zou er dan in uw omgang met geld en bezit moeten veranderen? Welke stap kunt u deze week al zetten?
Gebed bij deze sessie
Here Jezus, U bent gekomen om te zoeken en zalig te maken wat verloren is — en U vond ook mij. Bewaar mij voor het gebed van de farizeeër, dat zichzelf feliciteert, en leer mij het gebed van de tollenaar: o God, wees mij, de zondaar, genadig. Maak mij dankbaar als de Samaritaan die terugkeerde, gul als Zacheüs en toegewijd als de weduwe met haar twee muntjes. En als U weent over wat tot vrede dient maar verborgen blijft, open dan mijn ogen, zodat ik de tijd waarin U naar mij omziet niet mis. Amen.
Verder studeren: Lees Lukas 18:35-43, de genezing van de blinde bedelaar bij Jericho, direct gevolgd door de ontmoeting met de rijke Zacheüs (19:1-10). Wat hebben een blinde bedelaar en een rijke oppertollenaar gemeenschappelijk in hoe zij Jezus ontvangen?
Sessie 8 — Het kruis, het lege graf en brandende harten
Lees Lukas 22:1-24:53±45 minuten
Was ons hart niet brandend in ons, toen Hij onderweg tot ons sprak en voor ons de Schriften opende? — Lukas 24:32 (HSV)
De laatste hoofdstukken vertellen waar het hele evangelie naartoe werkte: het lijden, sterven en opstaan van Jezus. Lukas tekent het met eigen accenten. Bij het laatste avondmaal stelt Jezus het nieuwe verbond in Zijn bloed in; op de Olijfberg bidt Hij zo intens dat Zijn zweet wordt als grote druppels bloed. Aan het kruis bidt Hij voor Zijn beulen — "Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen" — en belooft Hij een misdadiger het paradijs: tot het laatst zoekt Hij het verlorene. Op de paasmorgen zijn het vrouwen die als eersten het lege graf vinden. Onderweg naar Emmaüs opent de opgestane Heer de Schriften, en het evangelie eindigt zoals het begon: in de tempel, met grote blijdschap en lofprijzing.
Zo leest u dit gedeelte
Lees deze hoofdstukken eerbiedig en zonder haast; plan er minstens twee leesmomenten voor. Let in hoofdstuk 22-23 op wat Jezus zegt: tegen Petrus, tegen de wenende vrouwen, tegen de misdadiger, tot Zijn Vader. Markeer in hoofdstuk 24 hoe de Emmaüsgangers veranderen van "bedroefd" naar "brandend hart" — en wat die verandering bewerkt. Neem deze vraag mee: hoe laat Lukas zien dat kruis en opstanding geen noodlot waren, maar de vervulling van "Mozes en al de profeten" (24:27)?
Vragen bij deze sessie
Observatie— Wat staat er?
- Welke drie uitspraken doet Jezus aan het kruis volgens Lukas 23 (vers 34, 43 en 46)? Tot wie richt Hij Zich telkens, en wat valt u op aan de volgorde?
- Wie ontdekken als eersten dat het graf leeg is (24:1-10), en hoe reageren de apostelen op hun bericht (24:11)? Waarom is het veelzeggend dat Lukas vrouwen als eerste getuigen vermeldt?
Interpretatie— Wat betekent het?
- Jezus zegt tegen Petrus: "Ik heb voor u gebeden dat uw geloof niet ophoudt" (22:31-32) — vlak voordat Petrus Hem verloochent. Wat zegt dit over de trouw van Jezus tegenover de ontrouw van Zijn discipelen, en over de weg terug na een val?
- Aan de misdadiger naast Hem belooft Jezus: "Heden zult u met Mij in het paradijs zijn" (23:43). De man kan niets meer goedmaken of presteren. Wat leert dit over genade — en waarom past dit zo bij heel het Evangelie van Lukas?
- Op weg naar Emmaüs legt Jezus "vanaf Mozes en al de profeten" uit wat in al de Schriften over Hem geschreven is (24:25-27). Waarom moest de Christus "dit lijden en zo in Zijn heerlijkheid ingaan"? Wat betekent het dat het Oude Testament over Hem spreekt?
- De Emmaüsgangers herkennen Jezus pas bij het breken van het brood, en hun brandende hart ontstond toen Hij de Schriften opende (24:30-32). Wat zegt dit over de middelen waardoor de Heer Zich vandaag laat kennen?
Toepassing— Wat betekent het voor u?
- "Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen" (23:34). Is er iemand die u onrecht heeft aangedaan en voor wie u, in navolging van Jezus, zou kunnen bidden om vergeving? Wat houdt u nog tegen?
- Het evangelie eindigt met discipelen die "met grote blijdschap" terugkeren en voortdurend God loven (24:52-53). Terugkijkend op deze acht sessies: wat hebt u over Jezus ontdekt dat uw hart brandend maakte? Aan wie wilt u, als getuige (24:48), deze week iets daarvan doorgeven?
Gebed bij deze sessie
Here Jezus, U hebt aan het kruis gebeden voor wie U kruisigden en het paradijs beloofd aan een misdadiger die niets meer te bieden had. Zo bent U: zoekend en zaligmakend tot Uw laatste ademtocht. Dank U dat het graf leeg is en dat U leeft. Loop met mij mee, zoals met de Emmaüsgangers, en open de Schriften voor mij, zodat mijn hart brandend wordt. Dank U dat U ook voor mij bidt dat mijn geloof niet ophoudt. Vervul mij met de grote blijdschap van Pasen en maak mij een getuige van alles wat ik gezien en gelezen heb. Amen.
Verder studeren: Lees Jesaja 53 en let op hoeveel details van het lijden van Jezus daar eeuwen tevoren beschreven staan. Lees daarna Handelingen 1:1-11 — het tweede boek van Lukas — en zie hoe het verhaal verdergaat: de getuigen van Lukas 24:48 worden de wereldwijde kerk.
Tips voor het groepsgesprek
- Begin elke sessie met een korte terugblik: vraag deelnemers wat hen is bijgebleven uit de vorige sessie of uit hun persoonlijke bijbellezen.
- De passages in deze studie zijn ruimer dan in een brievenstudie. Spreek af dat iedereen het gedeelte thuis vooraf leest, zodat de groepstijd aan het gesprek besteed kan worden.
- Laat de Bijbeltekst centraal staan. Als het gesprek afdwaalt, breng het terug naar de passage door te vragen: "Wat zegt de tekst hier precies?"
- Sluit elke sessie af met een concreet voornemen. Vraag elke deelnemer: "Wat is een ding dat je deze week wilt toepassen uit wat we gelezen hebben?"
Veelgestelde vragen
Wie schreef het Evangelie van Lukas en wanneer?
Het evangelie werd geschreven door Lukas, arts en reisgenoot van Paulus (Kolossenzen 4:14). Hij was zelf geen ooggetuige, maar onderzocht alles nauwkeurig bij ooggetuigen en dienaren van het Woord (Lukas 1:1-4). De meeste uitleggers dateren het boek tussen circa 60 en 80 na Christus. Lukas schreef ook een vervolg: het boek Handelingen.
Wat is het hoofdthema van het Evangelie van Lukas?
Het kernvers is Lukas 19:10: "De Zoon des mensen is gekomen om te zoeken en zalig te maken wat verloren is." Lukas laat zien dat Jezus de Heiland is voor alle mensen, met bijzondere aandacht voor armen, vrouwen, zieken en buitenstaanders. Daarnaast kleuren gebed, de Heilige Geest en vreugde het hele boek.
Is deze bijbelstudie geschikt voor beginners?
De studie heeft als niveau "gemiddeld": de passages zijn ruimer dan bij een korte brief en vragen wat meer leestijd per week. Toch is geen theologische voorkennis nodig — elke sessie geeft de nodige achtergrond, en de vragen bouwen op van observatie naar interpretatie en toepassing. Gemotiveerde beginners kunnen dus zeker meedoen, eventueel na eerst de gids "Bijbelstudie voor beginners" te volgen.
Kan ik deze studie alleen doen of is een groep nodig?
Beide is mogelijk. De studie is geschikt voor persoonlijke stille tijd en voor groepsgesprek. Bij persoonlijke studie schrijft u uw antwoorden op in een notitieboekje. In een groep kunt u de vragen bespreken en van elkaars inzichten leren. De discussietips in deze gids helpen u bij het leiden van een groepsgesprek.
Hoeveel tijd heb ik per sessie nodig?
Reken op 40 tot 45 minuten per sessie voor de vragen en het gebed, plus de tijd om het bijbelgedeelte vooraf te lezen — bij voorkeur verspreid over de week. In een groepssetting kan de bespreking iets langer duren. Neem de tijd die u nodig hebt — haast is de vijand van diepgang.
Waarin verschilt Lukas van de andere evangeliën?
Lukas is het langste evangelie en het enige dat door een niet-Jood geschreven lijkt te zijn. Het bevat materiaal dat nergens anders staat: de kerstgeschiedenis met de herders, de gelijkenissen van de barmhartige Samaritaan, de verloren zoon en de farizeeër en de tollenaar, en de Emmaüsgangers. Geen evangelist schrijft zo vaak over gebed, vreugde, de Heilige Geest en de plaats van vrouwen en armen als Lukas.