82 kruisverwijzingen gevonden
“Maar zo iemand God liefheeft, die is van Hem gekend.”
Statenvertaling (SV)
Bijbelgedeelten die hetzelfde verhaal of dezelfde gebeurtenis beschrijven.
Bekijk ook de uitleg bij dit vers of lees het in context.
Stel uw vragen aan de BijbelAssistent en krijg uitgebreide antwoorden met verwijzingen naar de grondtalen, commentaren en vergelijkbare teksten.
Stel een vraag over 1 Korinthe 8:3En nu, als gij God kent, ja, veelmeer van God gekend zijt, hoe keert gij u wederom tot de zwakke en arme beginselen, welke gij wederom van voren aan wilt dienen?
En wij weten, dat dengenen, die God liefhebben, alle dingen medewerken ten goede, namelijk dengenen, die naar Zijn voornemen geroepen zijn.
En wij weten, dat dengenen, die God liefhebben, alle dingen medewerken ten goede, namelijk dengenen, die naar Zijn voornemen geroepen zijn.
Ik weet uw werken, dat gij noch koud zijt, noch heet; och, of gij koud waart, of heet!
Ik weet uw werken, dat gij noch koud zijt, noch heet; och, of gij koud waart, of heet!
Alzo moeten omkomen al Uw vijanden, o HEERE! die Hem daarentegen liefhebben, moeten zijn, als wanneer de zon opgaat in haar kracht. En het land was stil, veertig jaren.
Een psalm van David, voor den opperzangmeester. HEERE! Gij doorgrondt en kent mij.
Een psalm van David, voor den opperzangmeester. HEERE! Gij doorgrondt en kent mij.
Alzo moeten omkomen al Uw vijanden, o HEERE! die Hem daarentegen liefhebben, moeten zijn, als wanneer de zon opgaat in haar kracht. En het land was stil, veertig jaren.
En nu blijft geloof, hoop en liefde, deze drie; doch de meeste van deze is de liefde.
En nu blijft geloof, hoop en liefde, deze drie; doch de meeste van deze is de liefde.
Hieraan kennen wij, dat wij de kinderen Gods liefhebben, wanneer wij God liefhebben, en Zijn geboden bewaren.
En hij, antwoordende, zeide: Voorwaar zeg ik u: Ik ken u niet.
Doch de Heere richte uw harten tot de liefde van God, en tot de lijdzaamheid van Christus.
En hij, antwoordende, zeide: Voorwaar zeg ik u: Ik ken u niet.
Hieraan kennen wij, dat wij de kinderen Gods liefhebben, wanneer wij God liefhebben, en Zijn geboden bewaren.
Doch de Heere richte uw harten tot de liefde van God, en tot de lijdzaamheid van Christus.
Want wij zien nu door een spiegel in een duistere rede, maar alsdan zullen wij zien aangezicht tot aangezicht; nu ken ik ten dele, maar alsdan zal ik kennen, gelijk ook ik gekend ben.
Want wij zien nu door een spiegel in een duistere rede, maar alsdan zullen wij zien aangezicht tot aangezicht; nu ken ik ten dele, maar alsdan zal ik kennen, gelijk ook ik gekend ben.