Inleiding tot Psalm 112
Psalm 112 is een wijsheidsdicht dat de zegeningen beschrijft van degene die de HERE vreest en vreugde heeft in Zijn geboden. Deze psalm vormt een paar met Psalm 111 - beide beginnen met 'Halleluja' en zijn geschreven als alfabetische gedichten (acrostichon) in het Hebreeuws.
De Godvrezende Mens (vers 1)
'Halleluja! Welzalig is de man die de HERE vreest, die zeer veel vreugde heeft in zijn geboden.' De psalm begint met lof aan God en beschrijft onmiddellijk het karakter van de gezegend persoon. Godvrees betekent hier niet angst, maar eerbiedige ontzag en respect voor God. Deze houding uit zich in vreugde over Gods geboden - niet als last, maar als geschenk.
Zegeningen voor het Nageslacht (vers 2-3)
De psalm belooft dat het nageslacht van de rechtvaardige machtig zal zijn op aarde en dat de generatie van oprechten gezegend zal worden. Welstand en rijkdom zijn in zijn huis, maar belangrijker nog: 'zijn gerechtigheid houdt eeuwig stand.' Dit wijst op een erfenis die veel waardevoller is dan materiële rijkdom.
Licht in de Duisternis (vers 4-6)
'Voor de oprechten gaat licht op in de duisternis.' Deze belofte spreekt van Gods leiding en troost in moeilijke tijden. De rechtvaardige wordt beschreven als genadig, barmhartig en rechtvaardig - eigenschappen die God zelf kenmerken. Vers 6 benadrukt dat de rechtvaardige niet zal wankelen en voor eeuwig herdacht zal worden.