Inleiding tot Psalm 110
Psalm 110 is een van de meest opmerkelijke en invloedrijke psalmen in de hele Bijbel. Deze korte psalm van slechts zeven verzen wordt meer dan twintig keer geciteerd of waarnaar verwezen in het Nieuwe Testament, waardoor het de meest geciteerde psalm is. De psalm wordt traditioneel toegeschreven aan koning David en bevat profetische uitspraken over de komende Messias.
Vers 1: De Messias aan Gods rechterhand
"Een psalm van David. De HEERE zeide tot mijn Heere: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden tot een voetbank Uwer voeten gesteld zal hebben."
Dit openingsvers is van centrale betekenis. David spreekt over "mijn Heere" (Adonai in het Hebreeuws), terwijl God de Vader (YHWH) tot deze persoon spreekt. Deze wonderlijke constructie toont dat David een hoger persoon erkent dan zichzelf - de komende Messias. Jezus gebruikt dit vers in Mattheüs 22:41-46 om te tonen dat de Messias meer is dan alleen Davids zoon; Hij is ook Davids Heer.
Het zitten aan Gods rechterhand symboliseert de hoogste positie van eer, macht en autoriteit. Het is de plaats van waaruit de Messias zal regeren en Zijn vijanden zal overwinnen.
Vers 2-3: Het koninkrijk van de Messias
"De HEERE zal de roede Uwer sterkte zenden uit Sion; heers in het midden Uwer vijanden! Uw volk zal vrijwilligheid zijn op de dag Uwer heirkracht, in heilig sieraad; uit de baarmoeder des dageraads zal U de dauw Uwer jeugd zijn."