Inleiding tot Prediker 3
Prediker hoofdstuk 3 bevat een van de bekendste passages uit de Bijbel. In de Statenvertaling luidt vers 1: "Alles heeft een bestemden tijd, en alle voornemen onder den hemel heeft zijn tijd." In hedendaagse vertalingen klinkt dat als "alles heeft zijn tijd" of "voor alles is er een tijd". Dit hoofdstuk biedt een diepgaande reflectie op de cyclische aard van het leven en Gods soevereine controle over alle tijden en gebeurtenissen.
Alles heeft zijn tijd: wat betekent Prediker 3:1?
"Alles heeft zijn tijd" betekent in Prediker 3 dat elke gebeurtenis in een mensenleven een eigen, door God bepaald moment heeft. Het gaat niet om noodlot, en ook niet om het advies om alles maar te laten gebeuren: de Prediker stelt vast dat de mens zijn eigen tijden niet in de hand heeft, en dat dat geen reden tot wanhoop is maar tot ontzag.
De uitdrukking wordt op drie manieren geciteerd: "alles heeft zijn tijd", "voor alles is er een tijd" en "er is een tijd voor alles". Alle drie verwijzen naar hetzelfde vers, Prediker 3:1, en naar het gedicht van Prediker 3:2-8 dat erop volgt: veertien tijdsparen, van geboren worden en sterven (vers 2) tot oorlog en vrede (vers 8). Juist omdat die paren zowel het goede als het pijnlijke noemen, wordt dit gedeelte vaak gelezen bij een afscheid of bij een keerpunt in het leven.
De Poëzie van de Tijden (Prediker 3:1-8)
De openingsverzen vormen een prachtig gedicht dat veertien tegenstellingen presenteert, elk ingeleid met "een tijd om". Deze passage toont aan dat het leven bestaat uit verschillende seizoenen en fasen: