De Tekst van Micha 3:2
'Gijlieden haat het goede, en hebt het kwade lief; gij trekt hun de huid af, en hun vlees van hun beenderen af.' (Statenvertaling)
Dit vers vormt het hart van profeet Micha's scherpe aanklacht tegen de corrupte leiders van zijn tijd. Het Hebreeuwse werkwoord voor 'haten' (שנא, sane) en 'liefhebben' (אהב, ahab) staan hier in directe tegenstelling tot elkaar, wat de morele omkering benadrukt die bij deze leiders heeft plaatsgevonden.
Krachtige Beeldspraak
De beeldspraak van het 'aftrekken van huid en vlees van beenderen' is uiterst krachtig en schokkend. Deze metafoor uit de slagerij illustreert hoe de leiders het volk systematisch uitbuiten. Het Hebreeuwse woord voor 'aftrekken' (גזל, gazal) betekent letterlijk 'beroven' of 'wegrukken', wat duidt op gewelddadige diefstal.
Deze beeldspraak toont aan dat de uitbuiting niet oppervlakkig is, maar diep ingrijpend - tot op het bot. De leiders ontnemen het volk niet alleen materiële zaken, maar tasten hun waardigheid en levenskracht aan.
Context in Hoofdstuk 3
Micha 3:2 staat niet op zichzelf. Vers 1 richt zich direct tot de 'hoofden van Jakob en oversten van het huis Israëls' - de politieke en rechtelijke leiders. Deze mannen zouden het recht moeten kennen en handhaven, maar doen het tegendeel.
Het volgende vers (3:3) zet de beeldspraak voort met het beeld van koken en braden, wat de volledigheid van de uitbuiting onderstreept.