De Tekst van Mattheus 23:3
"Alles wat zij u zeggen, moet u daarom doen en onderhouden; maar doe niet naar hun werken, want zij zeggen het wel, maar doen het niet."
Directe Betekenis
In Mattheus 23:3 spreekt Jezus tot de menigte en Zijn discipelen over de schriftgeleerden en Farizeeën. Het vers bevat een paradox: enerzijds moeten de mensen doen wat deze religieuze leiders zeggen, anderzijds moeten ze hun voorbeeld niet volgen.
Het Griekse woord voor "doen" (ποιήσατε, poiēsate) en "onderhouden" (τηρεῖτε, tēreite) benadrukt zowel het uitvoeren als het bewaren van de leer. Het woord "werken" (ἔργα, erga) verwijst naar hun concrete daden en gedrag.
Context binnen Mattheus 23
Dit vers opent Jezus' scherpste kritiek op de religieuze leiderschap van Zijn tijd. Mattheus 23 staat bekend als het hoofdstuk van de "zeven weeën" - een reeks van veroordelingen van hypocrisie. Vers 3 vormt de basis voor deze kritiek door het fundamentele probleem te identificeren: de kloof tussen leer en leven.
De Spanning tussen Autoriteit en Integriteit
Jezus erkent hier de legitieme leerautoriteit van de schriftgeleerden en Farizeeën. Zij zitten "op de stoel van Mozes" (vers 2), wat betekent dat zij de Mozaïsche wet mogen uitleggen. Hun leer kan correct zijn, ook al falen zij persoonlijk.