Inleiding tot Leviticus 27
Leviticus 27 vormt het afsluitende hoofdstuk van het derde boek van Mozes en behandelt een belangrijk onderwerp: vrijwillige geloften en tienden aan de HERE. Dit hoofdstuk laat zien hoe de Israëlieten hun toewijding aan God konden uitdrukken door middel van speciale beloften en offers.
Geloften van Personen (Leviticus 27:1-8)
Het hoofdstuk begint met gedetailleerde instructies over het waarderen van personen die aan God gewijd worden door middel van een gelofte. God geeft Mozes specifieke tarieven voor verschillende leeftijdsgroepen:
- Mannen van 20-60 jaar: 50 zilveren sikkels
- Vrouwen van 20-60 jaar: 30 zilveren sikkels
- Jongens van 5-20 jaar: 20 zilveren sikkels
- Meisjes van 5-20 jaar: 10 zilveren sikkels
- Kinderen van 1 maand tot 5 jaar: 5 (jongens) en 3 (meisjes) zilveren sikkels
- Ouderen boven de 60: 15 (mannen) en 10 (vrouwen) zilveren sikkels
Deze geloften waren vrijwillig en gingen vaak gepaard met dankbaarheid voor Gods zegeningen. Belangrijk is dat er ook voorziening was voor armen die de volle som niet konden betalen (vers 8).
Geloften van Dieren en Bezittingen (Leviticus 27:9-25)
Het hoofdstuk behandelt ook geloften betreffende dieren, huizen en akkers. Voor reine dieren die geschikt waren voor offers, gold dat ze heilig werden zodra ze aan God gewijd waren. Onreine dieren konden worden vrijgekocht tegen de geschatte waarde plus 20%.