De tekst van Jesaja 40:6
Jesaja 40:6 luidt: "Er klonk een stem: 'Kondig aan!' Ik zei: 'Wat moet ik aankondigen?' - 'Alle mensen zijn als gras, al hun glans is als een bloem in het veld.'" (NBV)
Literaire context binnen Jesaja 40
Dit vers vormt een cruciaal onderdeel van Jesaja's troostboodschap aan het Israëlitische volk. Hoofdstuk 40 opent het zogenaamde 'troostboek' (Jesaja 40-66) met de beroemde woorden "Troost, troost mijn volk" (vers 1). Het vers staat in een dialoog tussen God en de profeet, waarbij verschillende stemmen hoorbaar zijn die de komende redding aankondigen.
Woordbetekenis en symboliek
Het Hebreeuwse woord voor 'mensen' is hier basar (בשר), letterlijk 'vlees', wat de fysieke, sterfelijke natuur van de mens benadrukt. Het woord hasir (חציר) betekent 'gras' en tsits (ציץ) betekent 'bloem' of 'knop'. Deze beeldspraak illustreert de vergankelijkheid: gras verdort snel in het Midden-Oosterse klimaat, en bloemen verwelken binnen dagen.
Theologische betekenis
Het vers benadrukt het fundamentele contrast tussen de vergankelijke mensheid en Gods onveranderlijke karakter. Waar mensen komen en gaan, blijft Gods woord en trouw eeuwig bestaan. Dit thema wordt bevestigd in vers 8: "Het gras verdort, de bloem verwelkt, maar het woord van onze God houdt eeuwig stand."