De tekst van Jeremia 23:21
Jeremia 23:21 luidt: "Ik heb de profeten niet gezonden, en toch liepen zij; Ik heb niet tot hen gesproken, en toch profeteerden zij." Deze woorden vormen een scherpe aanklacht van God tegen valse profeten in Jeremia's tijd.
Woordbetekenis en grammatica
Het Hebreeuwse werkwoord 'shalach' (שלח) betekent 'zenden' of 'uitzenden' en heeft een officieel karakter. God benadrukt dat Hij deze profeten geen officiële opdracht heeft gegeven. Het woord 'ruts' (רוץ) betekent letterlijk 'rennen' of 'haasten', wat suggereert dat deze valse profeten ijverig aan het werk waren ondanks het ontbreken van Gods roeping.
Het werkwoord 'dibber' (דבר) staat voor 'spreken' en heeft in profetische context vaak betrekking op goddelijke openbaring. God stelt expliciet dat Hij niet tot deze personen gesproken heeft.
Context binnen Jeremia 23
Jeremia 23 bevat een uitgebreide waarschuwing tegen valse profeten en herders van Israël. Het vers staat in een sectie (verzen 16-32) waarin God het volk waarschuwt niet te luisteren naar profeten die valse hoop verkondigen. Deze profeten beloofden vrede en voorspoed terwijl God oordeeel had aangekondigd vanwege de zonden van het volk.
Kenmerken van valse profeten
Uit dit vers en de bredere context blijken verschillende kenmerken van valse profeten: