De tekst van Jeremia 10:9
Jeremia 10:9 luidt: 'Uit Tarsis is zilver geslagen, uit Ufaz goud; het is het werk van een handwerksman, van een goudsmid. Blauw en purper zijn hun kleding; het is allemaal het werk van kunstenaars.' Dit vers staat centraal in Jeremia's krachtige betoog tegen afgoderij en vormt onderdeel van een groter geheel waarin de profeet de ijdelheid van afgoden contrasteert met de majesteit van de levende God.
Kostbare materialen voor nutteloze afgoden
De profeet beschrijft bewust hoe mensen de kostbaarste materialen gebruiken voor hun afgoden. Zilver uit Tarsis verwijst naar het zuiverste zilver dat vanuit deze handelshaven (mogelijk in Spanje) werd geïmporteerd. Goud uit Ufaz betreft het fijnste goud uit deze mysterieuze locatie die ook in Daniël 10:5 wordt genoemd. Het Hebreeuwse woord rekua (geslagen/uitgehamerd) benadrukt het vakmanschap waarmee deze metalen werden bewerkt.
Het contrast met de ware God
De ironie in dit vers is pregnant: mensen investeren hun grootste rijkdommen en beste vaardigheden in het maken van dode objecten die geen leven, macht of wijsheid bezitten. De blauwe en purperen klederen waren in de oudheid uitermate kostbaar - purper werd gewonnen uit duizenden slakken en was voorbehouden aan koningen. Toch blijven deze prachtig uitgedoste beelden slechts 'het werk van kunstenaars' - menselijke creaties zonder goddelijke essentie.