Inleiding tot Handelingen 28
Handelingen 28 vormt het indrukwekkende slot van Lukas' verhaal over de vroege kerk. Dit hoofdstuk toont hoe Gods plan om het evangelie 'tot aan de einden der aarde' te brengen (Handelingen 1:8) wordt vervuld, wanneer Paulus eindelijk Rome bereikt - het centrum van de toenmalige wereld.
Paulus op Malta (vers 1-10)
Na de dramatische schipbreuk belandt Paulus op het eiland Malta. De inwoners tonen buitengewone vriendelijkheid aan de schipbreukelingen. Wanneer Paulus hout verzamelt voor een vuur, wordt hij gebeten door een adder. De Maltezen verwachten dat hij zal sterven en zien dit als goddelijke vergelding voor vermeende misdaden. Maar Paulus schudt de slang eenvoudig af zonder schade.
Deze gebeurtenis illustreert Gods bescherming over zijn dienaar. Jezus had zijn volgelingen beloofd: 'Zij zullen slangen opnemen' (Marcus 16:18). Paulus' wonderlijke behoud overtuigt de eilandbewoners dat hij geen gewone gevangene is.
De genezing van Publius' vader en andere zieken op Malta toont aan dat Gods kracht ook in onverwachte omstandigheden werkzaam is. Paulus gebruikt elke gelegenheid om Gods liefde te demonstreren.