De tekst van Deuteronomium 31:12
"Roep het volk bijeen, mannen, vrouwen en kinderen, en ook de vreemdelingen die in jullie steden wonen, zodat zij de wet kunnen horen en leren de HEER, jullie God, te vrezen en al de woorden van deze wet nauwgezet op te volgen."
Context en achtergrond
Deuteronomium 31:12 staat in het hart van Mozes' laatste instructies aan het volk Israël. In de voorafgaande verzen (31:10-11) heeft Mozes bepaald dat elke zeven jaar, tijdens het kwijtscheldingsjaar en het Loofhuttenfeest, de wet voorgelezen moet worden wanneer heel Israël samenkomt voor de HEER.
Woordstudie en betekenis
Het Hebreeuwse werkwoord קהל (qahal) betekent 'bijeenroepen' of 'vergaderen'. Dit wijst op een officiële, doelbewuste samenkomst, niet iets toevaligs. De wet moest systematisch en opzettelijk onderwezen worden.
Opvallend is de expliciete vermelding van verschillende groepen:
- Mannen - de traditionele leiders en hoofden van families
- Vrouwen - in een tijd waarin vrouwen vaak uitgesloten werden van religieus onderwijs
- Kinderen - de volgende generatie die de verbondstraditie moet voortzetten
- Vreemdelingen (גר - ger) - niet-Israëlieten die in hun midden woonden