De situatie van koning Asa
2 Kronieken 16:2 beschrijft een cruciaal keerpunt in het leven van koning Asa van Juda. Wanneer Baësa, koning van Israël, Rama begint te versterken als verdedigingswerk tegen Juda, zoekt Asa hulp bij Ben-Hadad van Syrië. Het vers luidt: 'Toen haalde Asa zilver en goud uit de schatten van het huis des HEEREN en des konings huis, en zond tot Ben-Hadad, de koning van Syrië, die te Damaskus woonde.'
Het gebruik van tempelschatten
Het Hebreeuws gebruikt hier de woorden 'kesef' (כסף - zilver) en 'zahab' (זהב - goud) uit de 'otsarot' (אצרות - schatten/tresoren). Asa neemt deze kostbaarheden uit zowel de tempel ('beit YHWH' - het huis des HEEREN) als uit zijn eigen paleis. Dit handelen is theologisch zeer significant omdat de tempelschatten gewijd waren aan God en niet gebruikt mochten worden voor politieke doeleinden.
Van vertrouwen op God naar menselijke allianties
Deze actie contrasteert scherp met Asa's eerder gedrag. In 2 Kronieken 14 zien we hoe hij volledig op God vertrouwde tegen de Ethiopische invasie. Nu, geconfronteerd met een nieuwe bedreiging, zoekt hij een menselijke oplossing door een alliantie te smeden met de heidense koning Ben-Hadad van Syrië.