De Tekst van 2 Koningen 17:11
2 Koningen 17:11 luidt: 'Ze offerden wierook op alle offerhoogten, net zoals de volkeren hadden gedaan die de HEER voor hen had verdreven. Ze deden allerlei kwaad waardoor de HEER tot toorn werd verwekt.'
Context: De Val van Israël
Dit vers staat midden in de beschrijving van waarom het noordelijke koninkrijk Israël ten onder ging aan de Assyriërs in 722 v.Chr. Hoofdstuk 17 geeft een theologische verklaring voor deze nationale ramp: het was Gods oordeel over Israëls aanhoudende ontrouw.
Betekenis van Kernwoorden
Offerhoogten (Hebreeuws: במות bamot) waren verhoogde plaatsen waar geofferd werd. Oorspronkelijk waren dit lokale heiligdommen, maar ze werden geassocieerd met heidense aanbidding en afgoderij. God had expliciet verboden om op zulke plaatsen te aanbidden (Deuteronomium 12:2-3).
Wierook offeren (Hebreeuws: קטר qatar) was een heilige handeling die alleen in de tempel in Jeruzalem mocht plaatsvinden volgens Gods wet. Door dit op offerhoogten te doen, overtrad Israël bewust Gods geboden.
Tot toorn verwekken (Hebreeuws: כעס ka'as) duidt op Gods rechtvaardige toorn over de schending van het verbond. Dit is geen emotionele uitbarsting, maar Gods heilige reactie op zonde en ongerechtigheid.