De Tekst van 2 Koningen 11:4
'In het zevende jaar zond Jojada heen en nam tot zich de oversten der honderdtallen, namelijk der Karetiërs en der satelliten, en bracht hen tot zich in het huis des HEEREN; en hij maakte een verbond met hen, en deed hen zweren in het huis des HEEREN, en wees hun den zoon des konings.'
Historische Context en Achtergrond
Dit vers markeert een cruciaal keerpunt in de geschiedenis van Juda. Koningin Athalja, een afstammeling van de goddeloze Achab en Izebel, had zes jaar lang op illegale wijze geregeerd nadat zij geprobeerd had alle koninklijke nakomelingen te vermoorden. Echter, de baby Joas was gered door Joseba en in het geheim grootgebracht in de tempel onder bescherming van hogepriester Jojada.
Betekenis van Specifieke Termen
De Karetiërs en satelliten (of Kreteërs) waren buitenlandse huurlingen die als lijfwacht van de koning fungeerden. Het Hebreeuwse woord 'Kereti' verwijst waarschijnlijk naar Kretenzen, terwijl 'Peleti' mogelijk Filistijnen aanduidt. Deze troepen waren persoonlijk loyaal aan de rechtmatige koning.
Het verbond (Hebreeuws: 'berith') dat Jojada sloot was meer dan een gewone overeenkomst. Het was een plechtige, religieuze eed in Gods huis, waarbij de deelnemers zich verbonden om de rechtmatige koning te herstellen en Gods wet te gehoorzamen.