De Tekst van 1 Samuel 28:11
1 Samuel 28:11 luidt: "En de vrouw zeide: Wie zal ik u doen opkomen? En hij zeide: Doe mij Samuël opkomen."
Dit vers staat centraal in een van de meest besproken passages van het Oude Testament: Sauls bezoek aan de spiritiste van Endor.
Context van het Verhaal
Koning Saul bevindt zich in een wanhopige situatie. De Filistijnen hebben zich verzameld voor de oorlog, en Saul zoekt tevergeefs naar Gods leiding. God antwoordt hem niet meer door middel van dromen, de Urim en Thummim, of profeten (1 Samuel 28:6). In zijn wanhoop zoekt Saul contact met een spiritiste, ondanks dat hijzelf eerder alle tovenaars en waarzeggers uit het land had verdreven (1 Samuel 28:3).
De Betekenis van Belangrijke Woorden
Het Hebreeuwse woord voor "opkomen" is עלה (alah), wat letterlijk "opstijgen" of "omhoog komen" betekent. Dit suggereert dat de doden volgens de volksopvatting in een lager gelegen plaats verbleven.
Het woord voor de vrouw is בעלת־אוב (ba'alat-ov), letterlijk "meesteres van een geest" of "spiritiste". Een "ov" werd gezien als een geest die door de spiritiste gecontroleerd kon worden.
Theologische Betekenis
Dit vers toont Sauls geestelijke verval. Hij wendt zich tot praktijken die God expliciet had verboden (Leviticus 19:31, 20:6). De ironie is dat Saul, die zelf deze praktijken had uitgeroeid, er nu zelf naar grijpt in zijn wanhoop.