Ga naar hoofdinhoud
Nieuwe Testament~1e eeuw n.Chr.

Lazarus in de Bijbel

Lazaros (Grieks) / Eleazar (Hebreeuws) - “God heeft geholpen

Wie was Lazarus?

Lazarus was de broer van Maria en Martha uit Bethanië, een vriend van Jezus. Toen hij was gestorven en vier dagen in het graf lag, riep Jezus hem terug: Lazarus, kom uit. Die opwekking is het laatste en grootste teken in het Johannesevangelie.

De naam Lazarus is de Griekse vorm (Lazaros) van het Hebreeuwse Eleazar, dat "God heeft geholpen" betekent. Het is dezelfde naam die in het Oude Testament wordt gedragen door Eleazar, de zoon van de hogepriester Aäron. In het Nederlands komt de naam ook voor als Lazerus of Lazaris; de Statenvertaling schrijft steeds Lazarus. In het Nieuwe Testament dragen twee verschillende mensen die naam. De eerste is de broer van Maria en Martha uit Bethanië, over wie Johannes 11 en 12 vertellen. De tweede is de bedelaar uit de gelijkenis van de rijke man en de arme Lazarus (Lukas 16:19-31) — opvallend genoeg de enige persoon in een gelijkenis van Jezus die een naam krijgt. De twee hebben niets met elkaar te maken, behalve dat in beide geschiedenissen de dood en wat daarna komt centraal staan. De geschiedenis van de opwekking zelf, met alles wat eraan voorafging, staat uitgewerkt op de pagina over de opwekking van Lazarus. Van de Lazarus uit Bethanië weten wij weinig. Hij spreekt in de Bijbel geen enkel woord. Hij handelt niet, hij verricht geen wonder, hij geeft geen belijdenis. Wat over hem verteld wordt, gaat over wat hem overkomt en over wat Jezus aan hem doet. Juist die stille plaats maakt hem tot het duidelijkste beeld van iemand die alles ontvangt en niets bijdraagt. Na zijn opwekking wordt hij nog eenmaal genoemd: hij zit aan tafel bij de maaltijd zes dagen voor het pascha, en zijn enkele aanwezigheid brengt zoveel mensen tot geloof dat de overpriesters beraadslagen om ook hem te doden (Johannes 12:9-11).

Historische context

Bethanië lag op de oostelijke helling van de Olijfberg, ongeveer vijftien stadiën van Jeruzalem — iets minder dan drie kilometer (Johannes 11:18). Het was voor Jezus een vertrouwd adres wanneer Hij in de buurt van de stad verbleef. In dat huis woonden Martha, Maria en Lazarus samen. Lukas 10:38-42 tekent dezelfde twee zusters met hun bekende verschil in temperament, al noemt Lukas de plaats daar niet bij name. Dat Lazarus vier dagen in het graf lag, is geen bijkomstig detail. Martha zegt eenvoudig: "Heere, hij riekt nu al, want hij heeft vier dagen aldaar gelegen" (Johannes 11:39). In de Joodse voorstelling van die tijd was na drie dagen elke gedachte aan schijndood uitgesloten. Het getal maakt duidelijk dat hier geen bijkomen uit bewusteloosheid wordt verteld, maar een terugroepen uit de dood. Een graf was in Judea gewoonlijk een spelonk in de rots, afgesloten met een steen; het lichaam werd in linnen banden gewikkeld en het gezicht met een zweetdoek bedekt. Zo komt Lazarus ook naar buiten: "gebonden aan handen en voeten met grafdoeken, en zijn aangezicht was omwonden met een zweetdoek" (Johannes 11:44). Dat verschil met het lege graf van Jezus, waar de doeken juist bleven liggen, is in de kerk altijd opgemerkt: Lazarus komt terug in het sterfelijke leven, Christus staat op in een leven waarin de dood geen deel meer heeft. Het Johannesevangelie plaatst deze geschiedenis vlak voor het lijden. Zij is het zevende en laatste van de tekenen in het zogeheten boek van de tekenen (Johannes 1-12), en zij vormt in Johannes 11:47-53 de directe aanleiding voor het besluit van de Raad om Jezus te doden. Over Lazarus' latere leven zwijgt het Nieuwe Testament. Oosterse overleveringen maken hem tot bisschop op Cyprus; dat staat niet in de Schrift en wordt hier alleen als traditie genoemd.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Vriend van Jezus: Johannes noemt hem uitdrukkelijk als iemand die Jezus liefhad
  • Deel van een gastvrij huis dat Jezus telkens ontving
  • Levende getuige: zonder een woord te spreken bracht zijn bestaan mensen tot geloof

Theologische betekenis

Binnen het Johannesevangelie is de opwekking van Lazarus het laatste en grootste van de zeven tekenen. Elk teken laat iets zien van wie Jezus is; dit laatste raakt het uiterste: macht over de dood zelf. In het gesprek met Martha valt daarbij het beslissende woord. Jezus zegt niet dat Hij de opstanding brengt, maar: "Ik ben de Opstanding en het Leven" (Johannes 11:25). Het eeuwige leven is in het evangelie geen zaak apart van Christus; het is Hij Zelf. In de gereformeerde traditie is Lazarus daarnaast het klassieke beeld van de mens tegenover Gods genade. Efeze 2:1 spreekt over dood zijn door de misdaden en de zonden. Een dode kan niet meewerken aan zijn eigen opwekking; hij kan alleen geroepen worden. Dat Lazarus niets deed en niets zei, is dus geen tekort in het verhaal maar de kern ervan. De stem die riep, deed het werk. Over de precieze verhouding tussen die roepstem en het antwoord van de mens wordt binnen de kerken verschillend gedacht, maar dat het initiatief bij God ligt, is breed belijden. Tegelijk moet het onderscheid met Pasen scherp blijven. Lazarus werd teruggeroepen in het sterfelijke leven en is later opnieuw gestorven. Christus stond op in een leven waarover de dood geen macht meer heeft. De opwekking van Lazarus is daarmee geen kleine opstanding maar een teken dat vooruitwijst: een onderpand van wat op de laatste dag beloofd is aan allen die in Hem geloven. Opmerkelijk is ten slotte dat dit teken van leven de dood van Jezus dichterbij brengt. Johannes 11:47-53 vertelt hoe de Raad juist hierna besluit Hem te doden. Het evangelie laat zo zien dat het leven dat Christus geeft, Hem Zijn eigen leven kostte.

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Lazaros (Grieks) / Eleazar (Hebreeuws)

Betekenis

God heeft geholpen

Sleutelmomenten

1

De ziekte en het bericht aan Jezus

Lazarus wordt ziek. Zijn zusters sturen geen verzoek maar een mededeling: Heere, zie, dien Gij liefhebt, is krank. Zij beroepen zich op niets anders dan de genegenheid van Jezus voor hun broer.

Johannes 11:1-3

2

Het uitstel van twee dagen

Johannes zegt eerst dat Jezus Martha, haar zuster en Lazarus liefhad, en meldt daarna dat Hij nog twee dagen bleef waar Hij was. Het uitstel wordt uitdrukkelijk niet als onverschilligheid gepresenteerd.

Johannes 11:5-6

3

Het gesprek met Martha

Martha gaat Jezus tegemoet en zegt dat haar broer niet gestorven zou zijn als Hij er geweest was. In dat gesprek klinkt: Ik ben de Opstanding en het Leven. Martha antwoordt met de belijdenis dat Hij de Christus is.

Johannes 11:20-27

4

Jezus weende

Bij het graf wordt Jezus zeer bewogen in den geest en Hij weent. Het kortste vers van de Bijbel staat hier: Jezus weende. Hij weet wat Hij gaat doen en deelt toch volledig in het verdriet.

Johannes 11:33-36

5

Lazarus, kom uit

De steen gaat weg, Jezus dankt de Vader hardop opdat de omstanders zouden geloven, en roept dan met grote stem: Lazarus, kom uit. De gestorvene komt naar buiten, nog in de grafdoeken.

Johannes 11:38-44

6

De maaltijd in Bethanië

Zes dagen voor het pascha zit Lazarus mee aan tafel, terwijl Martha dient en Maria de voeten van Jezus zalft. Zijn aanwezigheid alleen al brengt velen tot geloof.

Johannes 12:1-3

7

Het besluit om ook Lazarus te doden

De overpriesters beraadslagen om ook Lazarus te doden, omdat velen van de Joden om zijnentwil weggingen en in Jezus geloofden. Een levende getuige bleek gevaarlijker dan een argument.

Johannes 12:9-11

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Lazarus beter te begrijpen.

Johannes 11:3

Zijn zusters dan zonden tot Hem, zeggende: Heere, zie, dien Gij liefhebt, is krank.

Het bericht van Maria en Martha: geen verzoek, alleen de mededeling dat Jezus hem liefheeft.

Johannes 11:5-6

Jezus nu had Martha, en haar zuster, en Lazarus lief. Als Hij dan gehoord had, dat hij krank was, toen bleef Hij nog twee dagen in de plaats, waar Hij was.

Twee zinnen die naast elkaar staan: de liefde en het uitstel. Johannes zet ze bewust in deze volgorde.

Johannes 11:25-26

Jezus zeide tot haar: Ik ben de Opstanding en het Leven; die in Mij gelooft zal leven, al ware hij ook gestorven; En een iegelijk, die leeft, en in Mij gelooft, zal niet sterven in der eeuwigheid. Gelooft gij dat?

De vijfde "Ik ben"-uitspraak in Johannes, gesproken tegen een vrouw die net haar broer heeft begraven.

Johannes 11:35

Jezus weende.

Het kortste vers van de Bijbel. Hij weet wat Hij gaat doen en huilt toch mee bij het graf.

Johannes 11:39

Jezus zeide: Neemt den steen weg. Martha, de zuster des gestorvenen, zeide tot Hem: Heere, hij riekt nu al, want hij heeft vier dagen aldaar gelegen.

De vier dagen sluiten elke gedachte aan schijndood uit; Martha zegt het zonder omhaal.

Johannes 11:43-44

En als Hij dit gezegd had, riep Hij met grote stemme: Lazarus, kom uit! En de gestorvene kwam uit, gebonden aan handen en voeten met grafdoeken, en zijn aangezicht was omwonden met een zweetdoek. Jezus zeide tot hen: Ontbindt hem, en laat hem heengaan.

Drie woorden zijn genoeg. De opwekking gebeurt door een stem, niet door een handeling.

Johannes 12:10-11

En de overpriesters beraadslaagden, dat zij ook Lazarus doden zouden. Want velen van de Joden gingen heen om zijnentwil, en geloofden in Jezus.

Lazarus zelf werd een reden tot geloof, en daarmee een doelwit. Zijn bestaan was zijn getuigenis.

Tijdperiode

~1e eeuw n.Chr.

Lazarus leefde in de tijd van het Nieuwe Testament.

Gerelateerde personen

Bijbelboeken over Lazarus

Lessen voor vandaag

De eerste les van Bethanië gaat over wachten. Johannes zet de liefde van Jezus en zijn uitstel van twee dagen pal naast elkaar. Wie bidt en niets hoort, mag daaruit niet afleiden dat God niet betrokken is. Het verhaal geeft geen verklaring voor het uitstel, maar het weigert wel om uitstel als onverschilligheid te lezen. De tweede les gaat over verdriet. Jezus wist wat Hij ging doen, en Hij weende toch. Er is in de Bijbel geen aanmoediging om over rouw heen te stappen omdat er hoop is. Hoop en tranen sluiten elkaar niet uit; bij het graf van een vriend deed Christus ze allebei. De derde les gaat over Martha. Zij zegt hardop wat velen denken: als U hier geweest was, zou het anders zijn gegaan. Dat verwijt wordt niet berispt. Het gesprek dat erop volgt, mondt uit in de hoogste toezegging van het evangelie. Klagen tegen God kan een vorm van geloof zijn, zolang het tegen Hem gezegd wordt en niet over Hem. Ten slotte laat Lazarus zien dat een leven kan spreken zonder woorden. Hij zegt in de hele Bijbel niets, en toch kwamen velen door hem tot geloof. Wie vindt dat hij weinig te vertellen heeft over zijn geloof, mag bedenken dat het bij Lazarus genoeg was dat hij er was.

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Lazarus

Wie was Lazarus in de Bijbel?
Lazarus was een man uit Bethanië, de broer van Martha en Maria en een vriend van Jezus. Hij werd ziek en stierf; toen hij vier dagen in het graf lag, riep Jezus hem terug in het leven (Johannes 11). Daarnaast draagt de bedelaar uit de gelijkenis in Lukas 16 dezelfde naam; dat is een andere persoon.
Wat betekent de naam Lazarus?
Lazarus is de Griekse vorm van het Hebreeuwse Eleazar en betekent "God heeft geholpen". Dezelfde naam draagt in het Oude Testament Eleazar, de zoon van de hogepriester Aäron. In het Nederlands komen ook de schrijfwijzen Lazerus en Eleazar voor; de Statenvertaling schrijft in het Nieuwe Testament steeds Lazarus.
Hoeveel personen met de naam Lazarus staan er in het Nieuwe Testament?
Twee. De broer van Martha en Maria uit Bethanië, over wie Johannes 11 en 12 vertellen, en de arme bedelaar uit de gelijkenis van de rijke man (Lukas 16:19-31). Zij hebben niets met elkaar te maken. Wel is het opvallend dat de bedelaar de enige figuur in een gelijkenis van Jezus is die bij name wordt genoemd.
Waarom wachtte Jezus twee dagen voordat Hij naar Bethanië ging?
Johannes geeft geen verklaring maar zet twee zinnen naast elkaar: Jezus had Martha, haar zuster en Lazarus lief, en Hij bleef nog twee dagen waar Hij was (Johannes 11:5-6). Eerder zei Hij dat deze ziekte niet tot de dood was, maar ter heerlijkheid Gods (11:4). Het uitstel wordt dus uitdrukkelijk niet als onverschilligheid gepresenteerd.
Waarom is het belangrijk dat Lazarus vier dagen dood was?
Omdat het elke gedachte aan schijndood uitsluit. Martha zegt onomwonden: "hij riekt nu al, want hij heeft vier dagen aldaar gelegen" (Johannes 11:39). In de Joodse voorstelling van die tijd was na drie dagen geen enkel terugkeren meer denkbaar. Het getal onderstreept dat hier een dode wordt teruggeroepen, niet iemand bijgebracht.
Wat betekent "Ik ben de Opstanding en het Leven"?
Jezus spreekt die woorden tegen Martha, vlak voor het graf (Johannes 11:25-26). Hij zegt niet dat Hij de opstanding brengt of belooft, maar dat Hij die is. Het eeuwige leven is in het Johannesevangelie geen zaak los van Christus; het is verbonden aan Hem persoonlijk. Daarom volgt de vraag: gelooft gij dat?
Wat is het verschil tussen de opwekking van Lazarus en de opstanding van Jezus?
Lazarus keerde terug in zijn sterfelijke lichaam, nog in de grafdoeken, en is later opnieuw gestorven. Christus stond op in een leven waarover de dood geen macht meer heeft, en de doeken bleven in het graf achter. De opwekking van Lazarus is daarom een teken dat vooruitwijst naar Pasen, geen gelijkwaardige gebeurtenis.
Wat gebeurde er met Lazarus na zijn opwekking?
De Bijbel noemt hem nog eenmaal: zes dagen voor het pascha zit hij mee aan tafel bij de maaltijd in Bethanië, terwijl Martha dient en Maria de voeten van Jezus zalft (Johannes 12:1-3). Velen kwamen kijken en geloofden, waarop de overpriesters besloten ook hem te doden (12:9-11). Over zijn verdere leven zwijgt het Nieuwe Testament.
Waar lag Bethanië?
Bethanië lag op de oostelijke helling van de Olijfberg, ongeveer vijftien stadiën van Jeruzalem, iets minder dan drie kilometer (Johannes 11:18). Het dorp was voor Jezus een vertrouwd adres bij Zijn bezoeken aan Jeruzalem. In hetzelfde huis woonden Martha, Maria en Lazarus. Lukas 10:38-42 beschrijft een bezoek van Jezus aan dezelfde twee zusters, maar noemt de plaats daar niet.
Waarom wilden de overpriesters ook Lazarus doden?
Omdat hij niet te weerleggen was. Johannes 12:10-11 zegt dat velen van de Joden om zijnentwil weggingen en in Jezus geloofden. Een levend mens die begraven was geweest, was een getuigenis waar geen argument tegenop kon. De opwekking die leven gaf, versnelde zo het besluit om Jezus te doden (Johannes 11:47-53).
Wat kunnen wij leren van Lazarus?
Dat uitstel van God geen onverschilligheid hoeft te zijn, en dat hoop en tranen elkaar niet uitsluiten: Jezus wist wat Hij ging doen en weende toch. En dat een leven kan spreken zonder woorden. Lazarus zegt in de hele Bijbel niets, en toch kwamen velen door hem tot geloof; het was genoeg dat hij er was.

Stel een vraag over Lazarus

Wilt u meer weten over Lazarus? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Lazarus

Bijbelverhalen rond Lazarus

Verdiep u verder