De tekst van Spreuken 23:6
Spreuken 23:6 luidt in de NBV: 'Eet niet mee met een gierigaard, verlang niet naar zijn lekkernijen.' Deze wijsheidspreuk waarschuwt tegen het accepteren van gastvrijheid van iemand wiens motieven niet zuiver zijn.
Hebreeuwse woorden en betekenis
De oorspronkelijke Hebreeuwse tekst gebruikt de uitdrukking 'ra ayin' (רע עין), letterlijk 'slecht van oog' of 'kwaad van oog'. Dit is een idiomatische uitdrukking die gierigheid, jaloezie en een slechte instelling beschrijft. De 'gierigaard' is iemand die wel uitnodigt maar innerlijk wrok koestert over wat hij weggeeft.
Het woord voor 'lekkernijen' (mamtaqim) verwijst naar verfijnde, kostbare spijzen die verleidelijk zijn maar met verkeerde bedoelingen worden aangeboden.
Context in Spreuken 23
Dit vers staat in het midden van een reeks wijsheidslessen over zelfbeheersing en sociale wijsheid. Het hoofdstuk behandelt thema's zoals overdadig eten (vers 20-21), rijkdom najagen (vers 4-5), en het belang van tucht (vers 13-14). Vers 6 past in deze context als waarschuwing tegen hebzucht en het verkeerd inschatten van mensen.
Theologische betekenis
Deze preuk leert ons onderscheidingsvermogen in sociale situaties. Het gaat niet alleen om eten, maar om het herkennen van mensen wier schijnbare vrijgevigheid voortkomt uit verkeerde motieven. Ware gastvrijheid komt voort uit liefde en generositeit, niet uit eigenbelang of manipulatie.