De tekst van Psalmen 9:6
Psalmen 9:6 luidt: 'U hebt de heidenen bestraft, de goddeloze vernietigd; hun naam hebt U uitgewist voor altijd en eeuwig.' Deze krachtige woorden van David spreken over Gods definitieve oordeel over hen die zich tegen God en Zijn volk keren.
Woordstudie en betekenis
Het Hebreeuwse woord voor 'bestraft' is ga'ar, wat een sterke veroordeling uitdrukt. Het woord voor 'vernietigd' ('abad) betekent letterlijk 'doen vergaan' of 'uitroeien'. Het 'uitwissen van namen' (machah shem) was in de oude tijd het ultieme oordeel - het betekende dat iemands nagedachtenis volledig zou verdwijnen.
Context binnen Psalm 9
Psalm 9 is een dankpsalm waarin David God looft voor bevrijding van vijanden. Vers 6 vormt het hoogtepunt van deze dankzegging. David heeft ervaren hoe God rechtvaardig optreedt tegen hen die onrecht plegen. De psalm begint met lof en dank (verzen 1-2) en beschrijft dan Gods rechtvaardig handelen (verzen 3-6).
Theologische betekenis
Dit vers onderstreept Gods soevereine rechtvaardigheid. God is niet passief tegenover onrecht, maar grijpt in wanneer volkeren zich tegen Hem en Zijn volk keren. Het 'uitwissen van namen' benadrukt dat Gods oordeel definitief is. Tegelijk toont dit Gods trouw aan Zijn verbond - Hij beschermt hen die Hem liefhebben.