De tekst van Psalmen 64:5
Psalmen 64:5 luidt in de Herziene Statenvertaling: 'Zij sterken zich in een kwade zaak; zij overleggen strikken heimelijk te zetten; zij zeggen: Wie zal ze zien?' Deze krachtige woorden onthullen de arrogantie en zelfverzekerdheid van mensen die kwaad beramen.
Woordstudie en betekenis
Het Hebreeuwse werkwoord 'chazaq' (חזק) betekent 'sterken' of 'vastgrijpen'. De goddelozen houden vast aan hun boze plannen en moedigen elkaar aan in het kwaad. Het woord 'dabar' (דבר) voor 'zaak' kan ook 'woord' of 'plan' betekenen, wat wijst op hun samenspanning.
Het woord 'seter' (סתר) betekent 'heimelijk' of 'in het verborgene'. De vijanden denken dat hun plannen verborgen blijven voor God en mensen. Hun vraag 'Wie zal ze zien?' ('mi yir'em' - מי יראם) toont hun valse zekerheid dat niemand hun bedoelingen doorziet.
Context binnen Psalm 64
Deze psalm is een klaaglied van David waarin hij bescherming zoekt tegen vijanden die hem met woorden aanvallen. Vers 5 staat centraal in de beschrijving van hoe deze vijanden opereren: in het geheim, met zelfvertrouwen en zonder rekening te houden met Gods alziende oog.