De tekst van Psalmen 106:12
'Toen geloofden zij zijn woorden, zij zongen zijn lof.'
Dit korte maar krachtige vers beschrijft een keerpunt in de houding van het volk Israel. Na het zien van Gods machtige werken reageerden zij met geloof en lofprijzing.
Woordstudie en betekenis
Het Hebreeuwse woord voor 'geloofden' is aman (אמן), wat betekent 'vasthouden aan', 'vertrouwen' of 'bevestigen'. Het is dezelfde woordstam als 'amen'. Dit geloof was geen abstracte overtuiging, maar een concrete reactie op Gods zichtbare handelen.
Het woord 'woorden' (davar - דבר) verwijst niet alleen naar gesproken woorden, maar ook naar Gods daden en beloften. Gods woorden en werken zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Het 'zingen van lof' (shir tehillah - שיר תהלה) drukt spontane vreugde en dankbaarheid uit. Lofprijzing is de natuurlijke reactie van het hart dat Gods grootheid heeft ervaren.
Context binnen Psalm 106
Psalm 106 schetst de geschiedenis van Israel in een cyclisch patroon: Gods zegen, het vergeten daarvan, rebellie, gericht, berouw en verlossing. Vers 12 komt direct na de beschrijving van de uittocht uit Egypte en het wonder van de Rode Zee (verzen 7-11).
Het vers toont een moment van geestelijke helderheid en oprechte toewijding. Echter, de volgende verzen (13-15) laten zien hoe snel dit geloof weer vervloog: 'Spoedig vergaten zij zijn werken, zij wachtten niet op zijn raad.'