De Context van Mattheus 19:17
Mattheus 19:17 vormt het hart van het beroemde verhaal over de rijke jongeman. In dit vers antwoordt Jezus op de vraag: "Meester, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwige leven te verkrijgen?" Het antwoord van Jezus luidt: "Waarom vraag je me wat goed is? Er is maar één die goed is. Maar als je het eeuwige leven wilt binnengaan, onderhoud dan de geboden."
Woordstudie en Betekenis
Het Griekse woord voor "goed" is ἀγαθός (agathos), wat absolute, morele perfectie aanduidt. Jezus corrigeert de jongeman subtiel door te wijzen op het feit dat alleen God werkelijk goed is. Het woord εἷς (heis) betekent "één" en benadrukt Gods unieke, absolute goedheid.
De ἐντολάς (entolas) of "geboden" verwijzen naar Gods morele wet, specifiek de Tien Geboden die Jezus verderop in het gesprek zal opsommen.
Theologische Betekenis
Dit vers onthult een fundamentele waarheid: alleen God bezit absolute goedheid. Jezus wijst de jongeman erop dat zijn vraag een verkeerd uitgangspunt heeft - alsof goedheid iets is wat mensen kunnen bereiken door hun eigen inspanningen.
Tegelijk verwijst Jezus naar de geboden, niet om te suggereren dat redding door wetsnaleving komt, maar om de jongeman zijn eigen onvolkomenheid te laten inzien. Dit is een pedagogische methode om hem tot het besef te brengen dat hij een Redder nodig heeft.