De Betekenis van Hebreeen 7:2
Hebreeen 7:2 luidt: 'Aan hem gaf Abraham ook een tiende van alles. Ten eerste betekent zijn naam koning van gerechtigheid, en bovendien is hij koning van Salem, dat wil zeggen koning van vrede.'
Woordstudie en Betekenis
Dit vers bevat twee cruciale elementen. Ten eerste lezen we dat Abraham tienden gaf (Grieks: dekatēn) aan Melchizedek van alles wat hij had buitgemaakt. Dit toont de erkenning van Melchizedeks superieure positie, ondanks dat Abraham de vader van het uitverkoren volk was.
De Symbolische Namen
De schrijver legt uit dat Melchizedek (Hebreeuws: Malki-Tsedeq) letterlijk 'koning van gerechtigheid' betekent. Het Griekse woord voor gerechtigheid (dikaiosyne) verwijst naar morele integriteit en rechtschapenheid. Daarnaast was hij koning van Salem (Hebreeuws: Shalem), wat 'vrede' betekent.
Theologische Betekenis
Deze dubbele titel is geen toeval. De schrijver van Hebreeen gebruikt deze symboliek om te wijzen naar Christus, die de perfecte vervulling is van beide aspecten:
- Koning van Gerechtigheid: Christus is de rechtvaardige koning die Gods gerechtigheid volmaakt belichaamt
- Koning van Vrede: Door Zijn verzoeningswerk brengt Hij vrede tussen God en mens