De tekst van Genesis 6:2
Genesis 6:2 luidt in de Nederlandse Bijbelvertaling: "zagen Gods zonen de dochteren der mensen, dat zij schoon waren, en zij namen zich vrouwen uit allen, die zij verkozen hadden." Het Hebreeuwse vers bevat twee cruciale uitdrukkingen: "benei ha-elohim" (בְנֵי-הָֽאֱלֹהִים) voor "Gods zonen" en "benot ha-adam" (בְּנוֹת הָֽאָדָם) voor "dochteren der mensen".
Drie hoofdinterpretaties van Genesis 6:2
1. De Setitische interpretatie
Vele traditionele uitleggers zien "Gods zonen" als de nakomelingen van Set, de godvrezende lijn die begon na Abels dood. De "dochteren der mensen" verwijzen dan naar de nakomelingen van Kaïn, de goddeloze lijn. Deze interpretatie benadrukt het probleem van gemengde huwelijken tussen gelovigen en ongelovigen.
2. De engeleninterpretatie
Deze uitleg interpreteert "Gods zonen" als engelen of hemelse wezens die hun hemelse staat verlieten. Deze interpretatie wordt ondersteund door het gebruik van "benei ha-elohim" in Job 1:6 en Job 2:1, waar het duidelijk naar engelen verwijst. Ook 1 Petrus 3:19-20 en Judas 6 lijken deze interpretatie te ondersteunen.
3. De dynastieke interpretatie
Sommige moderne geleerden zien "Gods zonen" als machthebbers, koningen of vorsten die zich meerdere vrouwen namen naar eigen goeddunken, mogelijk als onderdeel van polygame praktijken onder heersers.