De Tekst van Genesis 19:12
Genesis 19:12 luidt: "En de mannen zeiden tegen Lot: Wie heb je hier nog? Een schoonzoon en je zonen en je dochters - allen die je in de stad hebt, breng ze uit deze plaats."
Context van het Verhaal
Dit vers staat centraal in het dramatische verhaal van Sodom en Gomorra's vernietiging. De 'mannen' die hier spreken zijn de twee engelen die eerder door Abraham waren ontvangen (Genesis 18:2). Ze zijn naar Sodom gekomen om de stad te onderzoeken en hebben bij Lot overnacht.
De vorige verzen beschrijven hoe de mannen van Sodom het huis van Lot omsingelden en gewelddadig probeerden binnen te dringen. Dit toont de morele verderf van de stad die Gods oordeel heeft uitgelokt.
Betekenis van Belangrijke Woorden
Het Hebreeuwse woord voor 'mannen' (אנשים, anashim) wordt hier gebruikt voor de engelen, wat hun menselijke verschijning benadrukt. Het woord 'plaats' (מקום, makom) verwijst naar Sodom, maar heeft vaak een diepere betekenis in de Bijbel als 'de plaats die God heeft bepaald'.
De opsomming 'schoonzoon, zonen, dochters' laat zien dat Gods redding zich uitstrekt tot de hele familie van de rechtvaardige. Het Hebreeuwse 'hotzi' (הוצא) betekent letterlijk 'doen uitgaan' of 'leiden naar buiten' - een krachtig werkwoord dat Gods actieve redding benadrukt.