De Vervaardiging van de Draagstangen
Exodus 38:6 beschrijft een cruciaal onderdeel van het brandofferaltaar: 'Hij maakte de stangen van acaciahout en overtrok ze met koper.' Dit vers bevindt zich in het hart van de beschrijving van de tabernakelbouw, waar Betsaleël en zijn team Gods gedetailleerde instructies uitvoeren.
Het Gebruikte Materiaal: Acaciahout
Het Hebreeuwse woord voor acaciahout is 'shittim', wat verwijst naar een harde, duurzame houtsoort die veel voorkwam in de Sinaï-woestijn. Dit hout werd gekozen vanwege zijn bijzondere eigenschappen: het is zeer resistent tegen verrotting en insecten. Symbolisch staat acaciahout voor onverwoestbaarheid en eeuwigheid, wat past bij de heilige functie van het altaar.
De Betekenis van het Koper
Het overtrekken met koper (Hebreeuws: 'nechosheth') was niet alleen praktisch maar ook theologisch betekenisvol. Koper symboliseert in de Bijbel vaak oordeel en kracht. Het brandofferaltaar was immers de plaats waar zonden werden weggenomen door offers, wat Gods oordeel over de zonde vertegenwoordigde.
Draagbaarheid en Gods Aanwezigheid
De stangen maakten het altaar draagbaar, wat essentieel was tijdens Israëls woestijnreis. Dit toont een fundamenteel aspect van Gods relatie met Zijn volk: Hij is geen statische godheid die gebonden is aan één plaats, maar een God die meereist en aanwezig blijft bij Zijn volk, waar ze ook gaan.