De tekst van Deuteronomium 29:28
Deuteronomium 29:28 luidt in de Statenvertaling: 'Het verborgene is voor den HEERE onzen God; maar het geopenbaarde is voor ons en onze kinderen tot in eeuwigheid, opdat wij zouden doen alle woorden dezer wet.' Dit vers vormt een van de meest geciteerde uitspraken uit het Oude Testament over Gods openbaring en menselijke verantwoordelijkheid.
Betekenis van de Hebreeuwse woorden
Het Hebreeuwse woord voor 'verborgene dingen' is nistaroth (הנסתרות), wat letterlijk betekent 'verborgen of geheime zaken'. Tegenover staat nigloth (והנגלת), de 'geopenbaarde dingen', wat alles behelst wat God aan Zijn volk bekendgemaakt heeft. Deze woordkeuze benadrukt het contrast tussen Gods verborgen raadsbesluiten en Zijn openbare openbaring.
Context binnen Deuteronomium 29
Dit vers staat in de context van Mozes' laatste toespraak aan Israël voordat zij het beloofde land binnengingen. Hoofdstuk 29 behandelt de vernieuwing van het verbond en waarschuwt voor de gevolgen van ongehoorzaamheid. Vers 28 vormt een scharnierpunt tussen Gods oordeel over verborgen zonden (vers 29a) en de verantwoordelijkheid van het volk voor wat geopenbaard is.