De Tekst en Directe Betekenis
2 Kronieken 32:19 luidt: "En zij spraken van den God van Jeruzalem, gelijk van de goden der volken der aarde, die een werk van mensenhanden zijn." Dit vers beschrijft hoe de Assyrische koning Sanherib en zijn dienaren de God van Israël behandelden als een gewone afgod.
Historische Context van het Vers
Dit vers staat in het midden van het verhaal over Sanheribs belegering van Jeruzalem in 701 v.Chr. tijdens de regering van koning Hizkia. De Assyrische koning had al vele steden veroverd en probeerde nu ook Jeruzalem te intimideren door God te kleineren.
De Betekenis van "Werk van Mensenhanden"
De uitdrukking "werk van mensenhanden" (Hebreeuws: מַעֲשֵׂה יְדֵי אָדָם - ma'aseh yedei adam) verwijst naar afgoden die door mensen gemaakt worden uit hout, steen of metaal. Deze afgoden hebben geen macht omdat ze niet levend zijn. Sanherib maakte de fatale vergissing om de levende God van Israël gelijk te stellen met deze dode beelden.
Theologische Betekenis
Dit vers toont het contrast tussen:
- De ware God: levend, almachtig, schepper van hemel en aarde
- Afgoden: dood, machteloos, gemaakt door mensen
Sanherib begreep niet dat hij niet met een gewone nationale god te maken had, maar met de Schepper van het universum. Zijn hoogmoed zou hem duur komen te staan, zoals vers 21 laat zien.